Olavsway 2019

Het Zweedse Olavspad: S:T Olavsleden

 

In grote lijnen loopt het pad van Sundsvall via Östersund en Stiklestad naar Trondheim aan het Trondheimfjord. 

 

Noorwegen was rond het jaar 1000 een onrustige lappendeken van Vikingrijkjes met hoofdmannen en koningen. Het land had weinig landbouwgrond (een belangrijke reden voor de plundertochten), en men vocht elkaar om het minste of geringste de tent uit. Olav Haraldsson (995-1030), een geharde, tot het christendom bekeerde Vikingstrijder wilde Noorwegen verenigen onder zijn koningschap. Hij gebruikte de kerstening als rechtvaardiging en het zwaard als overtuiging. Aanvankelijk had hij succes en wist hij, met veel geweld, een deel van Noorwegen aan zich te onderwerpen.

 

Ongeveer 10 jaar lang had hij de macht in handen. In 1024 vervaardigde hij wetten uit, geschoeid op christelijke leest, die nu nog steeds aan de basis van de Scandinavische wetgeving liggen. Maar in 1029 had hij de oude elite zozeer tegen zich in het harnas gejaagd, dat die de invasie van Knoet de Grote uit Denemarken steunden. Olav moest opgeven en verbleef enige tijd in ballingschap in Rusland. In 1030 ondernam heen een nieuwe poging. Met zijn geronselde mannen marcheerde hij via Zweden naar Noorwegen, langs de route waar nu het Olavspad loopt. Op 29 juni kwam het in Stiklestad tot een slag met een boerenleger. Olav viel in die strijd. Elk jaar wordt op deze datum die slag herdacht. Zijn lichaam werd naar Nidaros het huidige Trondheim gebracht en begraven aan de oever van de rivier de Nidelva. Er zouden wonderen gebeuren rond zijn graf. Bij het opgraven van zijn lichaam in 1031 een jaar na de veldslag, bleek dit nog geheel intact: met een blozend gezicht, groeiend haar en nagels en nog bloedende wonden. Olav werd heilig verklaard en daarmee kreeg ook Scandinavië een pelgrimsoord.

Dood van Olav de Heilige bij Stiklestad IMG_0497 olav

Pelgrimeren op het Olavspad.

 

Vrijdag 24 mei is het zo ver. Ik ga naar Zweden toe om daar de Olavsweg, een oud pelgrimspad, te gaan lopen,
Na in 2017 in Noorwegen al van Oslo naar Trondheim te hebben gelopen over het Olavspad, ga ik dit jaar de Zweedse variant lopen en wel van Sundsvall naar Trondheim.  
Sundsvall ligt aan de Botnische golf en het Olavspad loopt dwars door Zweden via Stiklestad in Noorwegen naar Trondheim aan het Trondheimerfjord. Fijn is het dat Rúna uit Ijsland weer met me mee gaat lopen. Samen hebben we in 2017 in Noorwegen een prachtige tocht gelopen. Ik zal haar treffen op het vliegveld van Stockholm Arlanda, alwaar we samen met de trein naar Sundsvall reizen.

 
Trondheim in Noorwegen was in de middeleeuwen net zo’n belangrijke pelgrimsbestemming als Santiago, Rome en Jeruzalem. De pelgrims liepen naar het graf van de heilige Olav in Nidaros, de oude naam van Trondheim. Sinds een aantal jaren zijn er diverse routes opnieuw toegankelijk gemaakt voor de pelgrims.
Het Olavspad in Zweden is 620 km lang. De laatste trainingstocht is gelopen, ik ben er klaar voor.

Mijn rugzak is gepakt, mijn voeten gesmeerd en met een overdosis aan goede zin gaan we op pad. 

Ter afsluiting nog het gedichtje 'voeten' wat ik tijdens mijn laatste trainingstocht heb geschreven.

 

Voeten nemen je mee,

iedere dag, stap na stap.

Vanaf de deur waar je begon,

volgen ze eindeloze wegen

tot ver achter de horizon.

 

Waarheen je ook gaat

op je eigen levensweg,

ze doorkruisen beken en dalen.

Je voeten zullen je dragen,

met een rugzak als je gast.

 

Veel moet je ze niet vragen,

dan zijn ze zeker niet tot last.

Maar vertellen voeten je de dag

dan is luisteren een goede raad,

want dan…… hebben voeten gesproken.

't geit d'r op aan

Zaterdag 15 juni
Stiklestad - Munkeby herberge 19 km

 

Op pad met Larry

 

Ich höb de auche nog neet good aope vanmorge of ich huer: my knee, its feeling better now Ger. Nou maar niet te vroeg halleluja roepen Rùna. Gooiemorge. Maar rustig aan. Om zeven uur staan we op. Ik zoek mijn handel bijeen en pak de rugzak al vast in. Rùna pakt ook alles al in, maar zal vandaag toch niet gaan lopen. Gisteravond heb ik haar verteld, dat het beter is om nog een dag rust te nemen. We willen graag beiden naar het eiland Tautra toe. Hier ligt het Maria klooster van de Cisterciënzer nonnen. Heel apart, een katholiek klooster in een overwegend Luthers evangelisch land. We zullen hiervoor de Yttre leden route over Levanger moeten nemen welke langs het Trondheimfjord gaat. Een nadeel, het is alleen maar asfalt. Een voordeel het is vlakker. Fijn is het dat deze route ook goed gemarkeerd is en dat er slaapplekken zijn. Alleen zullen we nog moeten uitvinden of we er ook kunnen ontbijten en dineren. Anders moet er wel heel erg veel worden ingekocht. Vanmorgen gaan we om half acht ontbijten. Larry komt bij ons zitten en we kunnen weer genieten van een uitstekend ontbijt. Als ik om kwart over acht wil opstappen, vraagt Larry of hij mee kan lopen. Why not. Zo zijn we dan samen op pad naar Munkeby herberge.

 

 

Als we Verdal uit zijn en richting de weiden en bossen gaan, zie ik dat we eventueel een kortere variant kunnen nemen. Als ik hem dat vertel hoor ik: yes we do that Ger. Zo slaan we rechtsaf i.p.v linksaf. We komen langs een tankstation, hier nemen we onze eerste rust met een lekkere cappuccino. Larry uit California is een echte Amerikaan. Ein hierke, hae wanjeld in een wit sporthemd, sjtrakke bóks en cowboy hoog op. Zolang de wegen of paden maar vlak zijn loopt hij straf door. Gaat het een beetje omhoog, dan is het puffen geblazen voor deze 'cowboy' uit de United States of America. Weer op pad slaan we een weg in die volgens 'Mary' ons weer naar de route moet brengen. En gelijk heeft ze ook deze keer weer. Door prachtige stukken bos, afgewisseld met weiden gaat het op en af. Heerlijk lopen, goed voor de voetjes. We pauzeren nog een keer op een mooie plek met een weids uitzicht en... een stempel is er aanwezig. Larry verteld me dat hij hier wat langer wilt rusten en gaat languit op bank liggen, met de hoed over zijn ogen. Ich dink: waalteruste meneer de president, sjlaop lekker. Ondertussen meet ik mijn bloedsuiker en deze is met 6.8 uitstekend. Lang ligt de president niet. Its to hard, ja dat had ik je ook wel kunnen vertellen. Dus gaan we maar verder. Bij de splitsing naar Munkeby of de ruïne nemen we de route naar de ruïne van het voormalig Cisterziëncer klooster uit de 12e eeuw dat gesticht werd door Engelse monikken. Het was destijds de meest noordelijke Cisterciënzer gemeenschap. Een mooi pad voert ons er naar toe over een hele speciale houten brug. Het valt ons wat tegen en we lopen dan maar rap door naar Munkeby herberge. Munkeby laat zich volgens mijn wandelgids vertalen als: plek van de monikken. Bij aankomst hoor ik Rùna roepen Ger, Ger maar ik zie haar niet. Larry ziet haar al in het raam staan te zwaaien naar ons. Als een ontvangstcomitee van een man, heet ze ons welkom op Munkeby herberge.

We worden verwelkomt door Hakon en zijn zoon en luisteren wat hij allemaal te vertellen heeft. Hierna betalen we voor slapen, diner en ontbijt en nemen ons een lekkere pot bier. Sjoën dét hae dét in hoes haet veur eine meuge pelgrim. Nu zitten we lekker te genieten in de zon. Veur sjtrakkes, sjlaop ze.

Vrijdag 14 Juni

 

Rustdag Stiklestad

 

Mer good det veur hiej mér twieëje daag blieëve, ich in elk geval. Niks te zeggen over deze plek hier. Gisteravond hebben we met z'n drieën hier gegeten en wat gedronken. Prima verzorgd, niks van te zeggen, maar de prijzen.....ongekend. Vanmorgen om kwart over acht gaan ontbijten. Een prima verzorgd ontbijtbuffet. Met Rùna haar knie wil het niet vlotten. Larry heeft een taxi geregeld om half twaalf om ons naar Verdal te brengen. We moeten alle drie Noorse kronen hebben en Rùna wil naar een apotheek voor pijnstillers en wat creme voor haar knie. Om de tijd te diden loop ik hier over dit complex en bezoek alles wat te maken heeft met Olav, o.a het grote openlucht theater. Dét is nog get veur Beesel om 't Draaksjteke te presenteren. Half twaalf gaan we dan naar Verdal. De taxichauffeur heeft er duidelijk zin in. Wat een chagrijn. Bank en apotheek zijn zo gevonden en Rùna heeft haar spullen met hulp van de apotheker hier zo gevonden. We lopen nog wat rond hier en gaan dan een klein hapje eten. Maar ook kleine hapjes hebben dikke prijzen. Tegen twee uur zijn we weer terug.

 

De slag

 

Olav Harraldson was 10 jaar een succesvol koning geweest.
Tussen 1016 en 1028 had hij grote delen van Noorwegen aan zijn christelijke wil onderworpen en verenigd. Dat ging gepaard met veel geweld en dwang, maar hij wist ook een versplinterd land, waar vele Vikingclans elkaar constant naar het leven stonden, tot een geheel te smeden en een aantal wetten in werking te stellen, die nu nog aan de basis liggen van de huidige wetgeving.
In 1028 echter, wist Knoet de Grote van Denemarken Olavs vijanden aan zijn kant te krijgen en de druk zo op te voeren dat Olav naar het buitenland vluchtte. In 1030 keerde hij terug van zijn ballingschap, vastbesloten Noorwegen opnieuw te veroveren. Hij kwam in Zweden aan land en marcheerde met zijn bij elkaar geraapte troepen op naar Noorwegen, min of meer over de route die je nu hebt afgelegd. In Stiklestad stuitte hij opa een boerenleger. Waarom Olav richting Trondheim ging is onbekend, waarom de boeren tegen hem in opstand kwamen evenzeer. Feit is dat hij hier stierf, naar de mythe zegt aan drie wonden: een bijl in zijn been, een speer in zijn buik en een bijl of zwaard in zijn nek. Toen hij neerzeeg leunde hij tegen een steen en gooide zijn zwaard van zich af. Op die plek, vertelt het verhaal is het altaar van de kerk van Stiklestad geplaatst. Daarachter ligt nu een steen waarvan wordt beweerd dat het de bewuste steen is.

 

De plek

 

Stiklestad groeide uit tot een van de belangrijkste plekken in cultureel erfgoed van Noorwegen. Hoewel Olavs missie (een verenigd christelijk Noorwegen onder één koning), aanvankelijk op veel weerstand stuitte, groeide de steun voor zijn idee wel na zijn dood. Ondertussen was hij al heilig verklaard en was de mythevorming al begonnen. Zijn graf werd een bedevaartsoord in de hoogtijdagen van de middeleeuwse pelgrimages. Toen Noorwegen na eeuwen van strijd en unies met Denemarken en Zweden in 1905 eindelijk een echte onafhankelijke monarchie werd, was Olav als symbool van de verenigde natie snel gevonden. Daarbij werd in de geest van de romantiek voor het gemak voorbij gegaan aan de bloederige en niets ontziende kant van Olavs werkwijze.

 

Vandaag de dag is Stiklestad uitgegroeid tot een breed cultuurpark, wat bijna in zijn geheel in het teken van Olav staat. O.a. staat hier de mooie oude Olavskerk met een kleurrijk interieur. Een katholieke kapel en een Orthodoxe kapel ineen. Olav was n.l de laatste westerse heilige die door de Orthodxe kerk is erkend. Er is een groot openluchtmuseum en theater, waar jaarlijks op de heiligendag van Olav op 29 juli de Olavsspelen worden opgevoerd. Aan de foto's te zien moet dit een prachtig spektakel zijn. Ook nu zijn ze volop bezig met de voorbereidingen hiervan. Verder staan er gebouwen uit de 17e en 18e eeuw en is er een replica van een Viking lang huis. Hiernaast is een modern onderkomen voor pelgrims gebouwd in Vikingstijl, waar Kai mede aan heeft bijgedragen. Helaas was dit helemaal vol met kinderen die hier wel elke dag komen voor de geschiedenis over Olav. Pelgrims worden met open armen ontvangen en een pelgrimscentrum hier is in ontwikkeling.

 

Intussen denk Rùna er hard over na om morgen met de taxi naar Munkeby herberge te gaan, voor nog een dag extra rust. Om de handdoek nu in de ring te gooien, dat gaat haar te ver. 'I go to Trondheim' vertelde ze mij vanmorgen vastbesloten. Ja, het is een pittige tante die veel kan verdragen. Veel opties hebben we bekeken gisteren en vanmorgen. We gaan het van dag tot dag bekijken. Soepel lopen is helaas niet mogelijk. Laatstaan met een rugzak op.
Vanavond gaan we weer met z'n drieen eten en dan op tijd na bed. Voor mij staan er 23 km op het programma en ik wil om acht uur aan het lopen zijn. Zo'n dag rust doet je goed, maar wat doe je de hele dag. Veur vanaovend, sjlaop ze.

Allein vandaag op paad
Allein vandaag op paad

Donderdag 13 juni

Auskin Kreative Senter (Vuku) - Stiklestad 12 km

 

Alleen naar het Battlefield

 

Leven Hiër wat ein waer, laot die piepesjtele mér dao. Dat had ik ook gedacht. Na een heerlijke nachtrust in deze schitterende herberg van Kai en Mona staan we om half zeven op. Als ik Rùna zie lopen, ben ik er al bijna zeker van dat dit het niet gaat worden vandaag. Aan het ontbijt hebben we het er over om vandaag ook niet te lopen. Ze sputtert wat tegen en zegt: Ger, see what I can do with my knee only to stay is difficult. Inderdaad, ze kan hem alle kanten heen draaien en buigen. Maar met de druk er op van het staan is het een ander verhaal. Toch moet je dat niet doen en zeg haar om aan Mona te vragen of ze met Kai mee kan rijden naar Stiklestad. Hij werkt daar n.l. Ook vertel ik haar om 2 dagen daar te verblijven en de knie rust te geven. Daar stemt ze mee in. We zullen dan wel zien hoe het verder gaat. Als ik mijn rugzak heb ingepakt, verteld Rùna mij dat Kai haar mee neemt. Gisteravond hebben we nog een rondleiding gehad in de houtsnijwerkplaats van Kai. Mooi om te zien wat hij er allemaal maakt. Een kunstenaar alom.

 

Tegen kwart voor acht ga ik. Alleen ongerwaeg naar het battlefield in Stiklestad. Goed ingepakt tegen de regen neem ik van Rùna afscheid. Ik zie haar emotioneel worden en zelf kan ik het ook niet onderdrukken. Maar dat hoeft ook niet. Emoties horen nu eenmaal bij een pelgrimstocht. Het begin is pittig. Een lange klim de heuvel op hakt er in. Verder loopt het als een trein. Met een krachtige wind in de rug word ik vooruit geblazen. Euver windj gespraoke. Bij het informatiepunt in Gjernstad, over de ramp van 1893 hou ik pauze. Er wordt duidelijk aangegeven wat zich hier heeft afgespeeld.

 

Aardverschuiving van 1893

 

In de nacht van 19 mei 1893, werd het Verdal getroffen door de grootste aardverschuiving in de Noorse geschiedenis. De Noren noemen de ramp: Verdalsraset. Door een natte winter en meerdere overstromingen in de lengte veranderde de klei onder de toplaag in een soort chocolademelk. 60.000.000 kubieke meter modder stroomde de bergwanden af en bedolf huizen en vee. Ook trad de rivier over een lengte van kilometers buiten haar oevers. De ramp kostte 116 mensen en 500 dieren het leven. Het landschap werd door de aardverschuiving ingrijpend veranderd. Zo kreeg de rivier een andere loop. Op het uitzichtpunt bij Gjernstad wordt in tekst en foto's aanschouwelijk gemaakt wat er in het dal waar je op uitkijkt heeft plaatsgegrepen.

Na deze pauze gaat het door de krachtige wind in een strak tempo naar mijn einddoel voor vandaag.

 

Deze weg nam Olav met zijn troepen in 1030 ook. Over de 12 km doe ik twee uur en een kwartier. Om tien uur loop ik over het "battlefield" Stiklestad binnen. Even tevoren heeft Rùna mij een berichtje gestuurd met de vraag hoe laat ik denk aan te komen. Ik bericht haar terug dat ik er bijna ben. Ze zal mij opwachten bij de kerk. Als ik arriveer, zie ik haar al staan. Oh Ger you  did it very quickly, Yes I was flying over the hills. Kai heeft vanmorgen met Rùna bij het enige hotel hier geïnformeerd naar een kamer voor pelgrims. Dit tegen een pelgrimsprijs. Wat wij eerder hadden afgesproken, ligt te ver weg van alles wat hier te zien is. Dus gaan we naar de receptie toe en krijgen een kamer voor 2 nachten tegen een schappelijke pelgrimsprijs, inclusief ontbijt. We deponeren onze rugzakken hier en gaan dan een heerlijke bak koffie drinken in de foyer en warempel, het kost niks. Den nog mer ein békse extra.

 

sjtormachtig dae windj
biej mien vertrek vanmorge
sjoeën, ich höb um in de rugk
ich vleeg has veuroet
as eine winjdbuul ongerwaeg
zal hae zich hiej
thoes veule zoëwe
as oppe ruiver
aan eine sjtek
vanmorge allein
zonger mien maatje
ein träönke laot ich
ongerwaeg
nao 't Battlefield
dié historische plek
hiej in Stiklestad

Woensdag 12 juni
Appaloosa (Sul) - Auskin Kreative Senter (Vuku) 22 km

 

Beslissingen nemen....

 

Vannacht höb ich mich miene zjwarte handdook op miene kop gelach en ut haet gebaat. Geslapen als een os, maar misschien ook wel door de vermoeidheid. We beginnen het beiden te merken. Vermoeidheid denk ik ook mede ontstaan door de lange stukken asfalt de afgelopen dagen. Met Rùna heb ik gisteravond afgesproken om vanmorgen vroeg te vertrekken. Dit mede door de lange (28 km) afstand voor vandaag. We zijn daarom al vroeg op in dit niet al te fris onderkomen. Thomas de "outlaw Indian" neemt het niet zo nauw. Omstreeks kwart voor zeven staan we op het punt te vertrekken. Larry komt omlaag en zegt dat hij door Thomas een eind wordt weggebracht. Hij moet voor zijn job toch richting Vuku. "I see you guys" zegt hij als we gaan.

 

Rùna is erg stil vanmorgen. Ik zie haar met het been trekken. Als ik vraag wat er is zie ik gewoon aan haar gezicht dat ze pijn heeft. Ze heeft last van haar knie en ik denk behoorlijk last. Als ik haar vraag waarom ze me dat niet vanmorgen heeft verteld, krijg ik als antwoord: "maybe we take more rest on the way, then I can do it". Maar dat denk ik zeker niet. Als ik nu al zie hoe moeilijk het gaat. Na ca 8 km nemen we een pauze. Hier doe ik haar een voorstel om niet de hele route te lopen vandaag, maar de kortste weg te nemen naar Vuku. Het is dan wel de gehele weg weer over asfalt, maar scheelt 7 km. Dit komt door de grote omweg door de bossen en heuvels te vermijden op de laatste 10 km. En volgens mijn wandelgids zijn hier pittige stukken in. Ik vraag haar om een beslissing te nemen, want zo gaat het niet. Intussen had ze al met haar dochter gebeld en zij heeft ook tegen haar gezegd, dat ze niet bergop en bergaf moet gaan lopen door bossen en heuvels. Het gaat niet goed, zegt ze en ik loop maar over de weg verder. Als ik haar vraag om een auto aan te houden om haar naar Vuku te laten brengen, wil ze daar niks van weten. "Ger", zegt ze: "If you want to walk the way true the hills on the end, do it". Ik zeg haar, nee dit gaat niet gebeuren. Ik laat je niet alleen over deze lange weg alleen lopen. Samen uit samen thuis.

 

Zo lopen we met de nodige pauzes naar Vuku toe. Ongerwaeg zijn er toch nog mooie dingen te zien. Nadat we de afslag naar Vuku hebben genomen, wacht ik op Rùna. We nemen nog een pauze daar bij een boerderij. Als ik er ben vraag ik aan een man die buiten bij een vrachtwagen staat, of we gebruik mogen maken van de bank voor een pauze. Zeker zegt hij en willen jullie koffie? Natuurlijk willen we die. "Vijf minuten", zegt hij dan is de vrachtwagen weg. Even later komt hij met zijn vrouw er gezellig bijzitten. Åse en Egil heten ze en bedrijven een bio zaak met restaurant. De koffie is heerlijk en gelukkig spreken ze redelijk Engels. Egil zegt tegen zijn vrouw dat Rùna last heeft van haar knie. Ik ga wel wat halen zegt ze en komt even later terug met een tube smeersel uit TAIWAN. "It's very good" zegt ze en neemt Rùna mee naar het toilet waar ze haar knie kan insmeren. We babbelen nog een tijdje, luisteren naar tips van Egil en dan wordt het hoog tijd om te vertrekken. Als jullie nog 3 uur de tijd hebben kunnen jullie mee eten, zegt Åse. Dank voor dit aanbod, maar we willen verder. In Vuku aangekomen gaan we eerst naar de Coop voor onze boodschappen. Vanavond moet er toch weer eens goed gegeten worden, na een dag van droog brood gisteren. Beiden met een goed gevulde draagtas gaan we naar onze slaapplek toe, die nog een kilometer verderop ligt. Bij aankomst worden we hartelijk ontvangen. Na een korte rondleiding kunnen we niets anders zeggen: "what a nice place to stay for the night here". Wat is dit mooi hier. Net 2 jaar oud is dit "Auskin Kreative Senter".

 

Na de gebruikelijke aankomstrituelen: uitpakken, douchen en een heerlijk biertje van de Coop, gaat alles van ons de wasmachine in. En maar draaien, lekker draaien. Hierna gaat alles in de droger. Rùna heeft een tijdje op bed gelegen met ijs op haar knie.  Nu zijn we het eten aan het klaarmaken en ik zie dat ze veel last heeft. Ik stel haar voor om morgen in Stiklestad een rustdag te nemen en als het niet beter wordt vandaag om morgen naar vervoer te kijken. Ook al is het een korte route  van maar 12 km. Jij kunt beter met een auto gaan en dan loop ik wel dit stukje alleen. "We shall see tomorrow morning". "Okay we do that". Noewe is ut eatenstied en ierlik ich höb honger wiej ein paerd en veur sjtrakkes, sjlaop ze.

Dinsdag 11 juni
Medstugan-Skalstugan-Sul 24 km

 

We zijn in Noorwegen

 

Vanmorge al hiel vreug wakker en det kumt door det d'r gén gordiene zien. Om drie vanmorgen schijnt de zon al en is het licht. Tegen half zes staan we maar op. Wij hebben er lang genoeg ingelegen. Nadat we gisteren al hebben zitten te praktiseren over vandaag, komt Larry met de oplossing. Hij heeft bericht gekregen van de chauffeur die hem naar Skalstugan zal brengen. Dit had hij al afgesproken bij het boeken van zijn trip. Hij had hem gemaild of Rùna en ik ook  mee konden. Tegen een kleine vergoeding was dit voor hem wel oké, maar hij moest er wel 2x voor rijden. (12 km) Fijn dat we mee konden. Anders was het een tocht van 36 km geworden. En dao zien veur te aad veur.

Tijd hebben we zat, want hij komt pas om 8 uur. Om zeven uur zitten we al klaar. Het ontbijt is op en alles is opgeruimd. Klokslag 8 uur komt Thomas aanrijden in zijn werkbus. Hij brengt eerst Larry en dan ons naar Skalstugan.


Om kwart voor negen beginnen we aan onze tocht door het magnifieke berglandschap. En wat is het mooi. Ongerwaeg genieten we van prachtige vergezichten. Op de bergen nog redelijk veel sneeuw en het pad is geweldig mooi. Een prachtige wilde natuur, waar we regelmatig voor stoppen. Om twintig over tien houden we pauze bij de grensovergang tussen Zweden en Noorwegen, hier midden in deze uitgestrektheid. Natuurlijk worden weer de nodige plaatjes geschoten. Wat is dit toch zalig lopen in vergelijking met de 23 km asfalt van gisteren. Wij komen bij het Høgfjellet aan, het hoogste punt hier. Hier schrijven we onze naam in het z.g "toppenboek" of wel gastenboek. Bij de shelter bij het stroompje Kvilbekken met stempel houden we weer een stop. Hier kun je overnachten in deze half open shelter, als je het primitief wilt houden. Maar niks voor mij om op die houten planken te gaan slapen. Als we voor Sul zijn, kunnen we kiezen. Of over de asfaltweg 322 die we gisteren al de hele dag hebben gelopen. Of voor het bruggetje het bos weer in wat ook nog eens 2-3 km meer is.

 

Toch kiezen we hiervoor. Het resultaat: spijt, spijt en nog eens spijt. Wat een zwaar glibberig en fiks omhoog en omlaag lopend pad is dit. Tjonge dit is afzien. Uiteindelijk komen we er ongeschonden door. Op de weg die dan volgt ligt dikke steenslag. Ook niet lekker voor je voeten. Rùna vraagt of ik niet even op googlemaps wil kijken hoever het nog is. Er volgt enige strubbeling over de lengte. Ik zeg dat dit komt omdat er geen brug is. We zullen toch weer naar de andere kant moeten. Tot onze verrassing wijst een boer ons op een bruggetje wat niet te zien is op googlemaps. Heel blij zijn we dat voor het bruggetje een wegwijzer staat dat het nog 600 meter naar onze slaapplek is. Deze is bij Thomas, de man die ons vanmorgen 12 km verder heeft gebracht. Bij aankomst is hij er nog niet en wachten met koffie op hem. Deze had hij al klaar gezet buiten. Pot oploskoffie, waterkoker en diversen soepen. Koken kunnen we eventueel buiten doen op een pitje. Maar dat gaat niet gebeuren. Als hij er is en ons binnen laat, straalt het hele huis een sfeer van paarden en indianen uit. Zelf lijkt hij er ook een beetje op met zijn lange vlecht. Binnen valt het toch allemaal wel wat tegen. Maar ja, we doen het er maar mee. Na wat boterhammen en kop soep schrijf ik mijn verslag en ga optijd naar bed. Sjlaop ze.

 

Sul

Het gehucht Sul is een belangrijke plek op het Olavspad. In 1030 heeft Olaf hier met zijn troepen overnacht, aan de vooravond van de slag bij Stiklestad. Daarbij werden het land en de graanakkers van boer Torgeir Flekk vertrapt en vernield. Toen Olav vertrok reed hij rond de akkers en riep de hulp van God in. Het graan veerde weer terug en werd rijp. Vlak bij deze plek, Olavsåkern (het Olavsveld), staat een gedenkteken aan deze gebeurtenis: Oskljelda. Een rechtopstaande steen met inscriptie over het schadeloosstellen van de boer, met daarbij een Olavsbron. Het staat langs de weg door Sul, ca. 500 meter vanaf de Jämtlandsvegen. Het monument werd in 1954 onrhuld door de lokale politieman Jon Suul, die ook het initiatief nam voor de Olavsspelen in Stiklestad.

Maandag 10 juni
Tännforsen - Medstugan 23 km

 

Op de streep lopen.

 
Vanmorgen als we aan het goed verzorgde ontbijt zitten is het buiten koud, grijs en miezerig. We zijn er vroeg bij, want om zeven uur zijn we de deur uit. Larry, Rùna en ik. Het zal een saaie route gaan worden. We hoeven alleen maar weg nr. 322 af te lopen tot we in Medstugan komen. Het eerste uur is het nog vrij rustig op de weg. Een enkele auto komt voorbij. Veel is er niet te zien, allen voor en achter ons, deze eindeloze weg, vol bochten, lange stukken en bulten omhoog en omlaag. Pauze plekken zijn er haast geen. Bij een enkel huis langs deze weg vinden we toch een bank. Ik vraag aan de bewoner of we hier mogen pauzeren. Geen probleem. Als we weer verder gaan en het verkeer toeneemt op deze verbindingsweg tussen Duved en Trondheim gaan mijn gedachten naar dat vreselijke bericht op de Facebook site van het Genootschap wat ik gisteravond las.

 

In Lèon op de camino Francès is gistermorgen een Nederlandse vrouw verongelukt. Zij werd samen met een andere Nederlandse door een auto van achteren geschept. Een vrouw is aan haar verwondingen overleden, de andere ligt zwaargewond in het ziekenhuis. Triest, heel triest. Mijn gedachten gaan uit naar de nabestaanden van de slachtoffers.
Voor ons is het dan ook uitkijken, want sommigen hebben er een tempo op daar word je bang van. En we lopen zo al op de streep. Ik spring dan ook regelmatig aan de kant, maar vaak gaat dit niet. Gelukkig zijn er ook bestuurders die als ze ons zien en er komt geen tegenligger al naar links uitwijken. Mer as die groeëte jongens met die zjwaegelsjtekskes veurbiej komme wuurse has van de waeg geblaoze. Zo stappen we verder en verder. Bekijken de overgebleven oude bruggetjes van de oude weg die hier eens liep en nu verzwolgen is door deze nieuwe weg.

 

Blij zijn we dan ook als we tegen een uur aankomen bij onze slaapplek voor vandaag: de pelgrimshostel in Medstugan. Nu denk niet dat dit een dorp is of zo, nee hier liggen 6 huizen. Of ze bewoond zijn weet ik niet. We kunnen binnen door de verkregen code bij de reservering. En mooie locatie, dat is het zeker. Verder in de wijdse omgeving niks dan bossen, water en sneeuw op de bergen rond om ons heen. We zitten niet zo ver meer van de Zweeds/Noorse grens. Hoe we het verder gaan aanpakken is nog een raadsel. Twaalf kilometer verderop is nog een plek om te overnachten, maar we moeten maar afwachten of we hier terecht kunnen. Hier kun je niet reserveren. Een uur voor aankomst kun je wel bellen als er plaats is. Is die er niet dan hebben we een probleem. De eerstvolgende slaapplek in Noorwegen is 24 km verder. Tussen het schrijven door ben ik een lekkere portie spaghetti aan het maken, met een tex-mes ananas salsa saus, die ik al drie daag mee sjouw. Daar doorheen nog een halve banaan geprut. Overheerlijk, mijn eigen spaghetti-schoteltje: Spaghetti a la Ger. Ja toch. Intussen is ook Anegreth aangekomen. Waar ze vandaag vandaan komt? Zo de afwas is gedaan. En voor sjtrakkes, sjlaop ze.

Zonder 9 juni
Åre - Tännforsen 23 km

 

Komt er nog een eind aan!

 

Wat sluup ut zich tog lekker tussen de hotellakes.
Daar waren we vanmorgen het al snel overeens. Om acht uur kunnen we aanschuiven aan het onbijtbuffet. Aan alles is gedacht, zelfs mijn gisteravond doorgegeven glutenvrij brood is aanwezig. Het smaakt lekker, zeker de vers gezette koffie. Onder het ontbijt lees ik de route voor vandaag door. Het zal saai worden en eentonig. Ik citeer uit mijn wandelgids: "Een bekende uitspraak is, dat de weg belangrijker is dan de bestemming. Voor de route vandaag zou kunnen gelden dat de bestemming de weg rechtvaardigt. Fijn zal de weg niet zijn, eerst een stuk langs drukke rommelige wegen, vervolgens eindeloze stoffige asfaltweg met aan weerszijden ondoordringbare naaldbossen. De aankomst bij de gezellige accomodatie naast de grootste waterval van Zweden is dan ook paradijselijk en welverdiend." Aldus mijn gids. Toch zal ik wat hoogtepunten beschrijven die onze aandacht trokken.

 

Åre gamla kyrka

Bij vertrek vanmorgen uit ons hotel, dalen we sterk af naar Åre. Good det veur gister dae letste 1,5 km met de taxi zien gegaon. We willen de Åre gamla kyrka
bezoeken. Dit oude kerkje van Åre is een van de mooiere kerkjes langs het Olavspad. In de 12e eeuw gebouwd als een klein stenen gebouw. Naar Noors ontwerp, omdat Jämtland toen Noors was. Gewijd aan Olaf met het oog op de pelgrimsstroom. Uitbreidingen stammen uit 17e en 18e eeuw. Het interieur ademt voorbije tijden met grote charme. Prachtige houten ornamenten en een zeer bijzonder plafond springen het meest in het oog. Het houten beeld van Olav, hier atypisch afgebeeld zonder bijl maar met driekanten steek op zijn hoofd, stamt uit de 14e eeuw. Je kunt zelf de deur openen met de robuuste sleutel die gewoon naast de ingang hangt. Een bezoek meer dan waard.

 

Karolinermonument

Achter Duved lopen we over een groot aantal trappen omhoog naar het Karolinermonument, dat herinnert aan een tragische dodenmars van het Zweedse leger in 1718. Het was tijdens het slotakkoord van de Derde Noordse Oorlog waarbij een eind kwam aan Zweden als grootmacht. Een onderdeel van de laatste stuiptrekkingen was een Zweedse poging om het strategisch gelegen Trondheim vanuit Duved te veroveren, maar na een strijd van 4 maanden mislukte dat. Van het 10.000 man sterke leger waren er nog 6000 over. Ze waren uitgeput, hongerig en van hun kleding en uitrusting was nog maar weinig over. Toen het bevel tot terugtrekking kwam, besloot generaal Armfeldt de kortste weg over de bergen terug te nemen. Wat begon als een overzichtelijke mars van drie dagen veranderde in een helletocht van acht dagen. Een dramatische temperatuurzakking zorgde ervoor dat in de eerste nacht 200 mannen doodvroren. Een aanhoudende sneeuwstorm van dagenlang zorgde ervoor dat de troepen  elkaar kwijtraakten. Men probeerde met het verbranden van uitrusting enige warmte te genereren. Uiteindelijk overleefden 2100 man deze gruweltocht. Daarvan bleven er 600 verminkt voor de rest van hun leven, door het amputeren van bevroren ledematen. De in de bergen achtergebleven 3000 lichamen werden een feestmaal voor de roofdieren. In de jaren die volgden waren de populaties vossen, verlaten en wolven veel groter. Ook dit was een bezoek meer dan waard

 

 

 

Tånnforsen, de grootste waterval van Zweden

 

indrukwekkend
oorverdovende kracht
ervaring voor zintuigen
donderend geraas
spectaculair natuurschoon
nevel en watersluiers
kun je proeven
het eeuwig frisse
groen ruiken
kracht die je voelt
in je lichaam
van neerstortend water
wat achtendertig meter
lager zich verenigd
kalm en vredig
in het grote meer.

 

 Hier is onze slaaplek in een huisje voor pelgrims op 250 meter van dit enorm spektakel stuk.
Ongerwaeg hebben we Larry uit California ontmoet. Ook hij verblijft hier. Het is zijn eerste wandeldag. We hebben lekker gegeten hier. Alles stond klaar in de koelkast inclusief ontbijt voor morgenvroeg. Voor elk een portie. Wat een service. Voor het avondeten bezoeken we gedrieën de Tännforsen. Wat een natuurgeweld, wat een kracht en schouwspel. Sjlaop ze.

 

Zaterdag 8 juni


Ristafallet - Åre 23 km


Wat eerst veraf was...

 

Wat geblindjdeerde ramen waal neet kenne doon..
Dat was het eerste wat ik gisteravond bij terugkomst in onze hut heb gedaan. Mijn donkere handdoek voor de deur hangen, zodat er geen licht meer door kon. En het heeft gewerkt. Allebei heel goed geslapen. Gisteravond hebben we lekker gegeten in het restaurantje van de camping. Rendierenvlees met een wildbessencompote, een salade en frietjes. Alles weggespoeld met een witte Rioja wijn. Camino-geveul môs ze der inhaaje. Het smaakte voortreffelijk. Vanmorgen op tijd ontbeten, wat uitgedroogd brood met smeerkaas uit de tube. Om half acht doe ik de sleutel van onze hythe in de sleutelbox en weg zijn we. Het zou een dag worden waar werkelijk niks liep. We missen afslagen, gaan een weg volgen die we niet moeten volgen en de markeringen, ze wijzen ons overal heen. Het enige mooie is dat de bergen met sneeuwresten steeds dichterbij komen. Wat eerst veraf leek, is nu ineens heel dichtbij. De omweg door Undersåker hadden we ons kunnen besparen. Lopend door het bos worden we d.m.v een bord er op geattendeerd dat er bij Åre camping koffie te krijgen is. Nao väöl gesjravel komme veur aan biej de camping. Maar helaas....gesloten, weg moekefoek. Er komt een vrouw aangelopen die even met ons babbelt. Ze loopt ook deels stukken van het Olavspad. Hier blijft ze nu twee dagen en gaat dan weer een stuk verder met bus/trein. Ze heeft veel last van haar knieën.

 

Over een uitermate slecht pad langs de E14 gaan we verder. Nee dit is niks en Rùna klaagt over pijnlijke voeten. Blij zijn we als we tegen half twee bij een pizzeria op het terras neerploffen. Ik heb het ook helemaal gehad. Maar we zijn er nog lang niet. Slaapplekken vinden wordt moeilijker. Hier in Åre hebben we tot gisteravond alles afgebeld voor een bed, Maar helaas... njente, nada, noppes, nieks. Dan maar Booking.com geraadpleegd. What ever the price, we will sleep this evening. Ik vind een kamer in het Fjällgården Ski-In Ski-out hotel, inclusief ontbijt. Deze boeken we direct. Euver de pries laote veur ós neet oet. Later zie ik dat dit hotel tegen de berghelling ligt. Dus dat wordt nog aardig wat klimwerk. Bij de pizzeria bestellen we ook maar wat te eten. Vanmorgen een mail van het hotel gekregen dat restaurant en bar gesloten zijn en dat het ontbijt summier zal zijn. Geweldig, er zit vandaag toch al vanalles tegen. De glutenvrije pizza is lekker, wel aan de grote kant. Maar hij gaat er toch helemaal in. Rùna heeft een kipsalade met brood. Ook zo'n enorme hoeveelheid. Met een alcoholvrij bier er bij smaakt het ons goed. Dan zegt Rùna dat ze naar het hotel met een taxi wil. Een goed idee. Ik regel dit door een taxi staande te houden die van de Coop komt. Vraag hem of hij ons over driekwartier naar het hotel wil brengen. Intussen is de vrouw van de camping aan komen lopen en samen drinken we nog gezellig een pilske. Dan komt de taxi en tien minuten later zijn we boven bij het hotel. Door de verkregen code zijn we zo binnen. Op de balie ligt een envelop met mijn naam. Hierin zit de sleutel van onze kamer. Een mooie ruime kamer en voorlopig kom ik hier niet meer vanaf. Slaop ze.

Vandaag en gisteren nog wat geschreven over de Rustafallet.

 

Ristafallet

 

over een kronkelend
pad door het bos
beneden een klaterend geweld
starend in de diepte
een natuurverschijnsel
waar massa's
wild water
dansend tegen rotsblokken
omhoog en omlaag
gezwiept worden
onder een nevel
van glinsterend
water in jouw
val omlaag
Ristafallet
een waterval

 

Ronja de roversdochter

 

De watervallen Ristafallet waren het decor voor enkele scènes uit Ronja de roversdochter, het boek van Astrid Lindgren uit 1981, dat in 1984 september is verfilmd. In dit verhaal dat zich afspeelt in het decor van middeleeuwse legendes, is Ronja de dochter roverhoofdman Mattis. Hun familie is de aartsvijand van de roversfamilie Borka, maar Ronja sluit vriendschap met hun zoon Birk, zeer tegen de wil van de families in. Door de vasthoudendheid en overtuiging van Ronja en Birk worden de families tot elkaar gebracht.

 

Vrijdag 7 juni


Mörsil - Ristafallet 21 km

 

Wat een energie voel je hier

 

Nao ut ontbijt in ut huuske van de priester zien veur op tiëd weg. Vandaag zal het zo'n 24 graden worden en volgens de gids belooft het een mooie tocht te worden naar de Camping Ristafallet. De route slingert zich dan weer links dan weer rechts langs de E14. Gelukkig maar kleine stukken er over. Veel gaat over bospaadjes en dat hebben we graag. Want angers doon mien voeten zoewe zeer. Via Hembygdsgård met stempel lopen we via de camping Strandgården richting Järpen. Onze eerste grote stop houden we hier met een lekkere bak koffie. Vervolgens steken we via een oude brug het water over. Vanaf Järpen gaat het alleen maar door de bossen, oh wat genieten we hier van. De letste daag genóg veur terrevraeter gesjpeeld. Maar het is puffen over deze paden. Steeds omhoog en omlaag vreet energie. Energie die ik gisteren grotendeels heb verbruikt. Mede ook door een flinke hypo gistermiddag. Maar we gaan er weer voor. Eerst eten dan meten, een regel waar ik soms moeite mee heb. De mooiste paadjes zijn toch steeds weer de "geitenpaadjes" door de dichte bossen. Altijd in de schaduw en dat is fijn lopen. Tussen Mörsil en Järpen zijn de ruïnes van de verdedingingswerken stille getuigen voor wat zich hier in de 16e en 17e eeuw heeft afgespeeld. De temperatuur is toch erg warm, maar we moeten vooruit. Bij de kerkruïne van Undersåker houden we weer pauze. Ook hier is een mooie stempel voor in de credendial te krijgen.

 

Aangekomen bij Hållandsgården, waar je ook kunt overnachten, bezoeken we een staafkerkje met losstaande houten toren. Gebouwd in 1999 naar een model van een oude staafkerk. Het is open en wat straalt het een rust uit hier binnen. De paar banken die er staan, zijn bedekt met rendierenvachten. Een unieke plek hier, waar we dan ook alle tijd voor nemen.
Op een stuk rots staat een tekst: Du är Älskad (jij bent geliefd). Hierna steken we de E14 en het spoor over en dalen af naar de rivier Indalsälven. Waar we een absoluut hoogtepunt gaan bekijken n.l de: waterval Ristafallet. Bij het naderen, horen we al het geweld. Over een mooi paadje lopen we langs de rivier richting dit geweld. Wat een kracht zal het water wel niet voortbrengen. Mijn camera maakt overuren. kniIch weit neet waor ich ut iërs mòt kiëke of mòt knippe. Langzaam naderen we de waterval zelf. Het hoogtepunt. Oh my God, zeg ik tegen Rùna. Wat een geweld aan water dat zich hier 15 meter omlaag stort. Ik geniet er van, zo'n natuurgeweld waar je bijna met de neus in staat. Dan slaan we links een bospaadje in naar de Camping. Trouwens de route onder langs dit spektakel is gemerkt met schelpen. Bij de camping aangekomen lopen we naar de receptie. Hartelijk worden we welkom geheten door de dochter van de Nederlandse eigenaar. We drinken eerst ons aankomstpilske en we kunnen ook vanavond hier eten. Een mooie hut krijgen we, tevens de code voor de sanitaire voorzieningen. Mooi dat deze vlak naast onze hut ligt. Na onze dagelijkse 'things to do' gaan we terug naar het restaurantje om ons schrijfwerk te doen onder het genot van een lekker bakkie koffie. Dit is het voor vandaag. Geur sjtrakkes, sjlaop ze.

Donderdag 6 juni
Wängen Wärdhus - Mörsil 28 km

Lang, zwaar en heet

 

Vanmorge as ich om zes oer opsjtaon zekg ich taege Rùna, ut kös waal ens eine heite daag gaon waere. We zijn daarom al vroeg uit de veren. Willen als het kan om zeven uur weg zijn. Het keukenpersoneel heeft aangeboden om ons ontbijt in het hotel neer te zetten in de keuken. Dan kunnen we gaan wanneer we willen. Zo gezegd, zo gedaan. Het ontbijt is lekker. Aan alles is gedacht. Van het fruit doe ik 2 appels in de rugzak voor ongerwaeg. De glutenvrije broodjes die over zijn passen er niet meer in, aangezien mijn jack er in moet. Tien over zeven zijn we weg, voor wat later zal blijken een lange, hete en zware dag. In mijn wandelgids wordt er nog opgewezen. Let op!! In Tann gaat de route na een paar huizen rechtsaf het bos in. En dit missen we dus. Via google maps vinden we de weg naar Hellenberg. Daar boven loopt ergens de route. Het wordt in lange en pittig klim naar boven over een gitzwart pas vernieuwd gravelpad. Gelukkig is het goed aangereden. Bijna boven zien we de gemarkeerde Olavsweg van rechts ook op dit pad uitkomen. How can...We don't see it. I don't nog Rùna. Maybe we not awake thuis morning. Boven op de Hellenberg nemen we een pauze. Dan volgen we weer de orginele route richting Kluk. Hier is een tankstation met winkeltje. Misschien dat wecer koffie kunnen krijgen. Maar helaas, vandaag is het de nationale feestdag van Zweden. Dus toe, nae pot toe. Ja, dan maar verder onder de koperen ploert die genadeloos aan de hemel staat te schijnen. 27 Graden zijn het en we puffen wat af. Wat blij zijn we als we af en toe door het bos kunnen gaan. Toch verlopen we ons weer. Schijnbaar in het bos ergens niet zitten op te letten. Door regelmatig "Mary" te raadplegen komen we ook uit. We staan ineens op het erf en worden verwelkomt door een jonge vrouw, Lisa. Hello pilgrims zegt ze. Ze vraagt of we de weg kwijt zijn, want ze wijst ons dat die daar achter loopt. But come with me, en ze wijst ons waar we heen moeten. Ook wijst ze ons een hele lange weg door de bossen. That's were you go zegt ze. Oh my God zegt Rùna, how long is it. 14 Kilometer zegt Lisa. We lopen verder en een goed kwartier later vinden we de afslag en markering naar die weg. We dalen af door een wei en plots roept Rùna: Ger coffee. Hiej koffie dink ich. Wao haet ut dae den gezeen. Een oude man roept en zwaait koffie, koffie. Dat laten we ons natuurlijk geen 2x zeggen.

 

 

Zo zitten we bij Birger Bjornfot buiten tussen de rommel aan de koffie. Van oorsprong komt hij uit het grensgebied Lapland, Zweden, Finland. Hij praat een mengelmoes van wel drie tot vier talen dooreen. Zweeds, Duits, Engels en Fins. Helemaal alleen woont hij hier en is 79 jaar. Hij laat ons vanalles zien, vooral een van zijn huizen waar we zelfs kunnen blijven slapen zegt hij en ook nog voor niks. Maar bij het zien van dit huis uit 1680!! Bedanken we er voor. Wat een janboel, waat eine kraom. We vertellen hem maar snel erbij dat we vanavond in Mörsil slapen. Maar dat is nog ver zegt hij. Dan komt hij aangelopen met een hele map met papieren, foto's en brieven. Allemaal van pelgrims die hem iets gestuurd hebben. Bij zijn zitje is een mooi bloemperkje met een wit kruis erin. Aan dat kruis hangt een foto waar hij op staat geknield bij een grafsteen. Hij braselt wat, maar ik denk dat dit het graf is van zijn overleden echtgenote. We komen er niet achter. Hij laat foto's zien van pelgrims uit alle continenten die hem deze hebben gestuurd. Ook wij gaan met hem op de foto. Ik stel mijn camera op automatisch in over 10 seconden. Met Rùna in het midden knippen we een mooie foto en geloven hem deze op te sturen. Dan wordt het tijd dat we opstappen, maar hij wilt ons nog vanalles laten zien. Vooral zijn eigen gemaakte sauna. Kunnen we uitproberen zegt hij. Och Birger, ut is al heit genóg boeëte. De rugzak gaat op de poekel en dan nemen we afscheid van deze zonderling denk ik. God wiej helse ut hiej oët. Als we op die eindeloze weg uitkomen denken we beiden van: och waas ich mer biej mooder thoes geblaeve.

 

Bij Bleckåsen staat een gedenksteen voor de vredesonderhandelingen van 1809. Denemarken - Noorwegen en Zweden waren verwikkeld in een van de Napoleontische oorlogen. De Denen waren op Skåne uit en de Zweden op een del van Noorwegen. Hierbij Bleckåsen werd de wapenstilstand gesloten. Tevens is hier een stempel. Als we hier even zitten komt tot onze verrassing Birger aan gereden. Hij wilt ons hier nog vanalles over vertellen. We luisteren even en dan gaan we toch verder. We hebben tenslotte nog zo'n 12-13 km te gaan. Deze weg is een verschrikking. Niet dat er veel verkeer op is maar de venijnige hellingen en de lengte. Verrast worden we als we af en toe van deze weg het bos ingestuurd worden. Smalle paadjes parallel aan deze weg zijn een genot. Lekker in de schaduw en het is en genot om deze te lopen. We höbbe al genöch asfalt gehad vandaag. Mooi plekken om te pauzeren zijn er gelukkig genoeg in het bos. Uiteindelijk komdn we om half vier aan in Mörsil bij de supermarkt. Voor vanavond moeten we nog wat eten kopen. Hier pauzeren we ook een tijd, omdat we niet voor vijven binnen kunnen op onze slaapplek. Deze is in een huisje op het erf van de priester hier, Kerstin Strömberg. Als we hier tegen half vijf aankomen, hangt buiten aan de weg de Nederlandse en IJslandse vlag al te wapperen. Hartelijk worden we hier ontvangen door Kerstin en Anne-Marie. Ze verteld het een en het ander binnen en dat de Wi-Fi code op tafel ligt. Maar ze verteld er ook bij dat de Wi-Fi buiten werk direct bij haar huis wat 30 meter verderop ligt. Tegen zessen eten we onze magnetron maaltijd en ik merk dat ik behoorlijk moe ben. Onze was is intussen ook droog en dat is meegenomen met deze warmte. Vanavond op tijd naar bed en hopen maar dat we een beetje slapen. Aan de "middernacht zon" wen ik nooit. Om elf uur s'avonds gaat ze onder en om drie s'morgens komt ze weer op. Sjlaop ze.

 

Woensdag 5 juni

 

Vaplan - Wängen Wärdhus 18 km

 

Het paardencentrum

 

Wat ein lol en vanmorge gisteraovend biej het diner en vanmorgen biej ut ontbijt. Sonja en Lars zien super lieve mensen, die het de pelgrim echt naar hun zin willen maken op Vaplansgård. Hoewel het een heel oud huis is, Lars is de derde generatie die hier woont, zijn ze al jaren aan het renoveren. Hij doet alles zelf en onze slaapplekken zijn al klaar en mooi. Gisteravond bij het diner was het een vrolijke boel. Een broer van Lars, die hier inwoont, zit er ook gezellig bij. De broers doen hun uiterte best om met ons in het Engels te communiceren. Voor Doris is dit geen probleem. Het diner is eenvoudig maar heel lekker en speciaal voor mij heeft ze glutenvrij gekookt. Dikke rode aardappelen met schil, salade, wortelen en een bessencompote voor over de vleesballen die gemaakt zijn van rendierenvlees. Daarbij water met daarin schijven citroen en slangkomkommer. Natuurlijk wordt de pils niet vergeten en het is een lekker pilske n.l een: Jämtlands Bärnsten gebrouwen in de kleine brouwerij in Pilgrimstad en een beetje amber van kleur. Als toetje heeft Doris een rabarber taart, heet uit de oven. Verrukkelijk ,werkelijk zo lekker. Na het eten neemt Lars ons mee naar een plaats met een bancomat. Òs kroene zien op, hoegtieëd veur nieëje.

 

Het is een ritje van een half uur op en neer. Maar we zijn weer voorzien. Doris werkt met oudere mensen vier dagen per week. Lars is denk ik iemand, die van alles doet. Zo is het ook. ’s Morgens( of liever gezegd ’s nachts) om EEN uur staat hij op, om in deze weidse omgeving de krant rond te brengen tot een uur of zes. Verder handelt hij in brandhout m.n berkenhout, het populaire brandhout hier dat op maat geleverd wordt. Vanmorgen kunnen we om acht uur ontbijten. Met zijn vieren zitten we gezamenlijk in de gooi kamer. Het ontbijt is voortreffelijk. Gekookte eitjes, kaas, worst, jam, noem maar op, het is er gewoon. Zelfs 2 soorten glutenvrij brood en crackers. We kunnen ook als we willen een lunchpakket maken, wat we ook doen. Aan tafel wordt weer gezellig gewazeld, alsof we elkaar al jaren kennen. Maar ook voor ons is er een tieëd van komme en unne tieëd van gaon. Hartelijk nemen we afscheid van deze geweldige mensen. Tack så mycket. (heel hartelijk bedankt) Tien voor negen lopen we aan, op weg naar het paardencentrum Wängen Wärdhus. Hier hebben we in een van de hostels aldaar een kamer geboekt.

 

Het is niet zo'n lange route, maar wel een met een heel lang stuk asfalt er in. De zaole versjliete wiej sjnieëje veur de zon. Direct na de start vandaag vinden we de stempel bij een preuverie voor rum. Jaomer genog is de tent gesjlaote! Vandaag hebben we bijna de hele route een prachtige view op het Alsensjön meer. Het begin is dan ook prachtig door mooie bossen. Hierna volgen we zes km de asfaltweg om gelukkig weer ergens het bos in te duiken. Dit pad leidt naar Glösa Älgrike, een plek waar 6000 jaar oude rotstekeningen te zien zijn. Informatieborden wijzen ons op deze prehistorische overblijfselen. Bij het bezoekerscentrum aldaar is koffie te krijgen en dit te bewonderen. Maar helaas, bij aankomst is er geen mens te zien. CLOSED staat groot op de deur. Dao geit den ozze lekkere koffie. Na dit bezoek aan Glösa Älgrike vervolgen we ons pad hier deels over het 'bruiloftspad' Dit pad, al vanaf 1809 bekend, werd gebruikt om naar de top van de Honingsberget te lopen. Op de top is er een uitzicht op 7 kerktorens. Wanneer er een meisje ging trouwen uit deze regio werd er een feestje georganiseerd op de Honingsberget. gelukkig gaat het Olavspad niet naar boven maar dalen we door de bossen af naar de asfaltweg. In die bossen pauzeren we nog eenmaal bij een aantal hutten met informatie over de jacht op rendieren. Aan 2 hutten bengelen aardig wat bijeen gebonden onderpoten van deze dieren. Waarvoor!? Eenmaal weer op pad begint het te ziemelen. Een laatste klim brengt ons naar Wängen Wärdhus, een groot paardencentrum met hostels en een hotel.

 

Bij aankomst melden we ons bij de receptie. Hier krijgen we onze sleutel voor de hostel die een stukje verderop ligt. De dames overleggen nog even en dan moeten we de sleutel inleveren. We krijgen n.l een kamer in het erlangs gelegen hotel. Wat een luxe. Er wordt ons verteld dat in de hostel vanavond een grote party is. Voor pelgrims die rust moeten hebben is dit niet fijn. Geliek höbbe ze. Tussen 16.00 - 17.30 uur kunnen we van een buffetje eten. Dit kost 90 Skr. Wel wat vroeg, maar dit heeft alles met de party te maken. Maar eerst drinken we een potje bier en dan de gebruikelijke rituelen. Om half vijf gaan we eten. Ons bij de prijs inbegrepen ontbijt (speciaal voor pelgrims) wordt op ons verzoek vanavond laat in de keuken van het hotel neer gezet. Fijn is dat, zo kunnen we morgen op tijd vertrekken voor een hele lange dag. Veur strakkes, sjlaopse.

Dinsdag 4 juni

Rödön häste - Vaplan 19 km

Het gaat goed (auch met de inkel)

 

Vannach druimde ich weer. Ut roeje hoes 146 en 2 paerd dreije door miene kop. Helena is al om zeven uur de deur uit. Ze heeft mij gisteravond een sleutel gegeven om het huis te sluiten als we gaan. Om half acht ontbijten we, pakken hierna de rugzak in en om kwart over acht zijn we op pad. Het is prachtig weer met een aangenaam zonnetje. Onder het ontbijt heb ik de route nog eens bestudeerd, maar we ontkomen er vandaag niet aan. Twee lange stukken asfalt met daar midden tussen gelukkig een lang stuk door de dichte bossen. Door de bossen is het prachtig lopen.
(Hier schrijf ik nog over.) We houden regelmatig een korte pauze. Komen ongerwaeg langs de Olavs Källa (bron) met stempel en bij de Näskott kyrke houden we met 4 Italiaanse fietsers een lange stop. Weer op de asfaltweg gekomen lopen we in een ruk door naar Nälden. Hier ligt een grote supermarkt en er moet rantsoen komen voor de komende dagen. Het zal puzzelen worden de komende dagen en maar hopen dat alles een beetje uitkomt, zoals we het graag zouden willen. Anders worden het misschien dagen met veel kilometers.

 

We kopen toch maar niet teveel. Ut mót allemaol op de poekel. Buiten op een bankje lunchen we met o.a. de lekkere pudding die we net gekocht hebben. Dan maar weer verder, op weg naar Vaplansgård in Vaplan. Dit heb ik gisteravond gereserveerd. Op mijn vraag aan de gastvrouw of we misschien mee konden eten en morgenvroeg ontbijten was haar antwoord: Yes you can. Ik vertel haar dat ik gluten fritt dieet heb. No problem. Nou det is nog ens fijn. De boerderij ligt een stukje achter Vaplan aan het water. Als we denken dat we er zijn, is het toch nog een heel stuk verder. Maar met vragen en bellen komen we er uiteindelijk. Hartelijk worden we buiten ontvangen door Doris en Lars. De boerderij lijkt de beste jaren te hebben gehad, tenminste de buitenkant. Binnen schrik ik ook even, is dit een bouwval? Maar Lars zegt dat hij bezig is met een grote renovatie. Onze kamers zijn in elk geval keurig, met opgemaakte bedden en een mooie douche. De gastvrouw is een lustige dame. Zij maakt grapjes in het Engels althans wat ik eruit kan opmaken. Aangezien we ook bijna geen geld meer hebben, gaat Lars na het avondeten met ons met de auto naar een plaats waar een bancomat is. Doris vraagt nog of we het een probleem vinden als zij vanavond mee eten met ons. No problem, zegt Rùna. Nu zitten na een heerlijke douche lekker in het zonnetje op een bank beiden ons verslag te schrijven. Sjlaop ze.

 

Geluid van stilte

 

dichte bossen
oh wat fijn
stil is het er
heel stil
een pad
bedekt met mos
vogels fluiten
adem hoorbaar
voeten bepalen
het ritme
stroompjes
volgen ons
op de achtergrond
sound of silence

Maandag 3 juni

Östersund - Rödön Häste 24 km

Red house 146, 2 horses

 

Wat een weer vanmorgen. Regen en nog eens regen zie ik als ik naar buiten kijk door de raam van onze slaapkamer in de hostel (jeugdherherg). Toch om half zeven al opgestaan. Vanmorge höbbe veur om kloksjlaag ach oer ein aafspraok met Sonja. We ontbijten in de grote keuken hier en het smaakt voortreffelijk. Gisteravond alles gekocht in de grote supermarkt die hier zelfs op zondag tot tien uur s'avonds open is. Ook voor onze eigen warme maaltijd slagen we hier. Al is het een magnetron maaltijd. Mer dao is niks mis met. Na het ontbijt proberen we alles in de rugzak te proppen en dat valt niet altijd mee. Maar we zijn er klaar voor en lopen naar beneden om daar op onze afspraak te wachten.

 

Klokslag acht uur komt ze aan lopen.

Sonja is een webdesigner en houdt deze ook bij. Daarbij doet ze ook nog aan fotograferen. Een dag of vier geleden nam ze contact met mij op voor een interview voor de website van de Olavleden in Zweden. Dat vonden we beiden wel leuk om te doen. Zij weet wel een koffiehuis dat al vroeg open is. Daar zitten we nu met een heerlijke bak leut voor ons. Ze vraagt van alles en nog wat over onze pelgrimage hier in Zweden. Wil weite hoe eine Ruiverse met een Ieslandse aan de wanjel ken gaon. Hoe ons de Olavsweg hier bevalt. Of we al meerdere pelgrimstochten hebben gelopen. Zijn we spiritueel of houdt het geloof ons ook bezig. Hoe communiceren wij en ga maar door. Heel leuk is dit en het doet ons goed met deze vlotte meid te praten. Om kwart voor negen gaan we met haar naar buiten en lopen naar het water toe. In een parkje hier neemt ze nog enkele foto's van ons. Dan overvalt ze ons een beetje. Ze vraagt ons om kort iets te willen vertellen dat ze dan met de camera opneemt. Ich zegk taege um, det gesjtuntel hoofs ze nurges op te zetten. We nemen afscheid en zien wel wat het geworden is op de website van de Olavleden.

 

Negen uur is het geweest en eindelijk zijn we nu echt op pad. Als we het kleine Ändsjön natuurreservaat inlopen worden we getrakteerd op een vogelconcert. Het is een waar vogelparadijs. Jammer dat we door de nattigheid niet tot bij het water of de uitkijkposten kunnen komen. Hier zitten niet minder dan 90 vogelsoorten. En paar noem ik er: roodkeelduiker, goudplevier, ruigpootuil, visarenden, grauwe franjepoot. Door een mooi bosgebied komen we uit bij de Frösö kyrke. Hier houden we in de kerk een langere pauze. Ook bij deze kerk weer een bijzondere houten alleenstaande toren. Hij straalt iets mystieks uit. Door deze toren is het hier een geliefde plek om te trouwen. Binnen in de kerk een prachtig oud houten beeld van de heilige Olaf. Fijn dat deze kerk open is.

 

Weer op pad volgt een oersaai stuk o.a. langs een vliegveld. Het is niet anders maar wel vijf kilometer asfalt op weg naar de brug. Op mijn gps zie ik een weg door het bos en langs het grote Alsensjön meer dat ook uitkomt bij de brug. Deze weg nemen we en wat is het mooi als we langs de oevers van dit imposant meer lopen. Bij de brug aangekomen krijgt Rùna al de kriebels. Ten eerste is het een lange brug. Ten tweede is het een brug met een hoge boog in. Rùna heeft last van hoogtevrees. Ze vertelt me dat ze in een vliegtuig altijd de stoel aan het gangpad neemt. Veilig en wel aan de overkant gaat het over mooie paden door de bossen richting Rödön. We merken dat we moe worden en willen bij de kerk daar pauzeren. Bij aankomst is deze echter gesloten. Dan maar buiten in den ozel op een bankje pauzeren. Bij de oude pastorie langs de Kyrekestallar (kerkstallen) hangt een stempelkastje. Natuurlijk siert deze stempel onze credential.

Ja, dan moeten we opzoek naar: red house, 146, two horses. Dat vertelde Helena mij zaterdagavond bij het reserveren. Straatnamen kennen ze hier niet. Ik zoek op Google, vraag aan een jonge man op het kerkhof of hij iets weet, of dat de naam Helena hem iets zegt. Ich dink, dae vreug ze tog. Maar helaas. Dan gaan we maar verder en hopen maar op een beetje geluk.

 

We komen op een lange weg uit en zien daar een stukje verderop een man enkele palen in zijn auto doen. Als hij weg wil rijden roep ik: "hello, hello" waarna hij wacht op ons. Ut is de juuste man op de juuste plek. Als we hem vragen of hij weet waar Helena woont, zegt hij: Helena oh the woman with the horses. Yep. And she lives in a Red house 146 with 2 horses. Yes that's right. One km on the left side. Danke voor de hulp en een kwartiertje later zijn we er. Haar ouders staan ons al  op te wachten. Pa staat al te zwaaien en te wijzen zo van: hiej is ut. Eenmaal binnen krijgen we boven een grote kamer met 2 bedden. Mooi is alles en zijn blij dat we er zijn. Een minpuntje: de Wi-Fi is kapot. Dan hebben we pech. Onze kleren gaan de wasmachine in, wat ook weer meegenomen is. Wij gaan elk ons verslag schrijven en om zes uur gaan we eten. Ennehu waat  aete veur: magnetronries met ein kiessaus en saffraan. Zo dit is de hele dag een beetje. Veur zitte in ut roeje hoes met nummer 146 en 2 paerd. En dadelijk: sjlaop ze.

 

 

Tien dagen alweer,
samen op pad.
Mooi keer op keer,
met van alles wat.

De dagen vliegen,
elke dag weer.
Bomen die wiegen,
langs dit grote meer.

We genieten samen,
van water, bos en natuur.
Elke dag als we aankwamen,
ja, zelfs van een oude schuur.

Zondag 2 juni

 

Brunflo - Östersund 14 km

 

Omdat het zondag is

 

Zonnesjtaole verwelkomme òs vanmorge as de gordien aope geit. Onze kamer heeft tenminste een raamverduistering en dat is oh zo fijn om te slapen. Na de gebruikelijke handelingen gaan we om kwart voor acht naar beneden voor het ontbijt. En wat hebben we een keus vanmorgen. Glutenvrije broodjes en sneetjes brood. De geur van vers gezette koffie en noem maar op. Gisteravond hebben we hier al lekker warm gegeten. Ons diner was heerlijk, met als een surprise een biertje erbij. Maar dit bewaren we voor na het eten. En den is det toch zo lekker hè, alsof ut bekende ingelke dich weer euver de tong piest. Als we ons ontbijt op hebben gaan de wandelschoenen aan. We bedanken de eigenaren hartelijk voor de goede zorgen en weg zijn we. Wat een prachtige plek hadden we hier. Vandaag gaan we naar Östersund. Een wandeling van maar 14 km, omdat het zondag is helemaal langs het Storsjön meer. In dit diepe meer zal het meermonster  Storsjöodjuret wonen. Althans volgens de legende. Zo heeft Zweden ook het Zweedse monster van Loch Ness. Het zou een slangachtig monster zijn met een grote hondenkop en rugvinnen volgens de legende uit 1635. In 1986 haalde het zelfs de lijst van bedreigde diersoorten hier in Zweden. Kennelijk was dat iets teveel van het goede, want het werd weer snel van de lijst geschrapt. Veur höbbe hiel good opgelet, mer nieks kenne ontdekke. Jammer want ik had de camera al in de aanslag.

 

Ongerwaeg pauzeren we een keer en komen rond half twaalf aan bij de kerk van Östersund. De mis is net bezig en Rùna vraagt of ik mee naar de mis wil gaan. Natuurlijk ga ik mee, ook al is het een Evangelische dienst. Een mooie dienst met mooi gezang en orgelspel in een mooie kerk. Anders dan 'Oppe Ruiver' al komen we daar ook bijna nooit. Maar de grote lijnen in deze dienst komen overeen met een kerkdienst in een rooms-katholieke kerk. De voorganger, in dit geval een vrouw komt na de dienst naar ons toe. Ze vraagt of we pelgrims zijn op het Olavspad. Ja dat zijn we. Gebruikelijk is het hier bij deze dienst dat je na afloop brood met koffie krijgt aangeboden. Daar moeten jullie zeker gebruik van maken, zegt de vrouw. Dat doen we dan ook, want een bakkie leut gaat er wel in. Ook maakt ze ons attent op een stempel die buiten in een box aan de muur zit. Ik neem beide credentials mee en ga deze stempelen. Maar helaas, de box is leeg. Als ik weer binnen ben en het haar vertel, wordt alles in het werk gesteld om de stempel te vinden. Want geen pelgrimsstempel hier, dat kan niet. Ook na lang zoeken, vindt ze hem niet maar komt terug met een oude stempel van de kerk. Nou helemaal goed en ook nog een mooie ook. Aan Rùna zie ik dat ze genoten heeft hier. Zeker na het gesprek met de voorganger. Om half een nemen we afscheid en gaan op zoek naar de hostel cq jeugdherberg Ledkrysset. We vinden hem snel en melden ons bij de receptie. Inschrijven, betalen en naar de kamer toe. Dan de nodige aankomst rituelen, verslag schrijven en vanmiddag nog de binnenstad bezoeken. Veur sjtrakkes sjlaop ze.

 

 

 

 

Opknapper of.....aad iezer
Opknapper of.....aad iezer

Zaterdag 1 juni

Pilgrimstad - Brunflo 27 km

Opknappers of....

As ich wakker bön vanmorge, höb ich ein liedje in de kop: it's a Long long way down to Reno Nevada, it's a long way to our home. Beiden kloppen, maar voor ons wordt het ook een lange dag. Neet nao hoes, en auch neet nao Reno Nevada. Nee onze weg voert vandaag door bossen, gehuchten en langs de grote meren. Daar zijn we dan ook al vroeg voor op. Met mijn enkel wilt het maar niet vlotten. Wat ik ’s morgens het eerste doe de laatste dagen is enkel insmeren met Voltarengel en een stevig rekverband er om. Om zeven uur gaat de rugzak op de poekel en we zijn de deur uit van deze mooie pelgrimsherberg, om een paar honderd meter verder het bos in te duiken. Even een stukje geschiedenis: In het gehucht Svedje staat een oude Koningssteen met de opmerkelijke tekst dat Karl XIV Johan hier op 26 augustus 1835 heeft ontbeten. Karl XIV (1763--1844) was de eerste koning uit het geslacht Bernadotte, de koninklijke familie die nu nog op de troon zit. De laatste dagen valt het ons op dat op veel plaatsen oude auto's staan. Verrot, geroest of nog functioneel. Zweden rijden volgens mij graag in grote Amerikaanse sleeën. We zien ze regelmatig staan en mooi opgeknapt. Maar de meeste die we zien zijn oude Volvo's. In alle uitvoeringen komen we ze tegen, of staan ter plekke weg te roesten. Zullen we maar zeggen dat het opknappers zijn of.... In Linehäll maken we de doorsteek tussen 2 meren. We lopen links van het Hållslasjön meer en moeten naar de andere kant om rechts langs het Bölessjön meer te komen. Een mooi pad door de bossen langs het meer volgen we, tot we in het gehucht Balsta weer naar de linkerkant van het Homsjön meer doorsteken. Ook hier een stuk langs het meer en dan weer de bossen in. Prachtig wandelweer hebben we vandaag, met gelukkig niet die koude wind recht in je snuit. Als we in het gehucht Slåtte aankomen zien we al van ver een bank staan met een stempelkast erbij. Goed 50 meter ervoor is warempel een kleine bloemenzaak met allerlei snuisterijen en natuurlijk bloemen. Een vrouw is druk bezig het openen van haar zaakje. Ze vraagt ons of we koffie willen. Haar dochter verzorgt een koffiehuisje waar ook wat lekkers voor bij de koffie te krijgen is. De vrouw vertelt in geuren en kleuren over haar zaak en....de liefde voor oude auto's. Hier staat me dan ook wat. Zelf rijdt ze een witte grote Amerikaan. Ut kós waal eine vleeger zien. Haar beeldschone dochter met mooi lang blond haar en dus een echte Zweedse is net 18 jaar geworden en ook al in bezit van een 'old car'. Ze vertelt ons dat de koffie bijna klaar is. Runa en ik kijken wat rond en zien er een karkas van een heel oude Spider staan. De vrouw laat ons foto's zien hoe deze er in de zomer uit ziet. Prachtig, het dak, de motorkap en zelfs binnenin is het een bloemenzee. Dét mòt op de foto, ook al zijn er nog geen bloemen op. De koffie is klaar. Beiden nemen we er wat lekkers bij. Oohh wat is dit toch een lekker bakje leut. Drie kwartier houden we ons hier op, maar dan is het 'time to go' zegt Runa. Op 'Mary' zie ik dat het nog 10 km zijn tot onze slaapplek.

We betalen de koffie en het lekkere gebak en vragen aan de dochter of ze dit zelf heeft gebakken. 'No my mum did it'. Dan zijn we weg. Ergens moeten we ongerwaeg het Olavspad verlaten om in Brunflo te komen. Het pad zelf loopt helemaal boven langs deze plaats. Maar met de GPS vinden we feilloos een afslag die ons naar de Coop en een bankomat brengen in Brunflo. Inkopen moeten we doen en kronen moeten we pinnen. Nadat alles gedaan is pauzeren we op het pleintje voor de Coop in een kiosk. Eten een lekkere net gekochte bosbesosen yoghurt en doen alle andere zaken in de rugzak. De laatste km van een lange dag komen eraan. We vinden een andere weg terug naar het Olavspad en komen langs de Brunflo kyrke. Een opvallende kerk met er naast een verdedigingstoren. Een zeldzame verschijning in deze streek. In Brunflo werd in de middeleeuwen de eerste en grootste christelijke kerk van Jämtland neergezet. Gelijkertijd was hier de zetel van de aartsbisschop. Hij bewaarde zijn waardevolle papieren en zaken in de robuuste toren. Een ander gegeven is dat in de 12e eeuw het pelgrimeren een vorm van massatoerisme was geworden. Het is dan ook niet vreemd dat de kerk op de route naar Nidaros lag en gewijd was aan de heilige Olaf. De huidige kerk stamt echter uit 1775. Binnen ligt een mooie stempel voor in onze credential. Na dit alles te hebben gezien gaat het verder naar onze slaapplek het B&B Sörbygården. Deze ligt helemaal aan het einde van Brunflo. Schijnbaar is er voor pelgrims geen andere slaapplek hier. Gisteravond heb ik deze plek geboekt met alles erop en eraan. Dus slapen, diner en ontbijt. Bij aankomst worden we verrast door dit mooie gebouw. We worden welkom geheten door de vrouw des huizes, betalen, stempelen en rap naar onze kamer toe. Afspraak is dat we om half zeven kunnen eten. Mooie tijd. Nu douchen, verslag schrijven, koffie drinken en op tijd naar bed. Sjlaop ze

 

Vrijdag 31 mei

 

Gällö Camp Viking - Pilgerstad Vandrarhem 21 km

 

Wijnproeverij, sjnieëje, hagel en raegen.

 

Eine krakende inkel zorgt der veur dét ich om 4 oer vanmorge boete aan ut water sjtaon met miene camera. Een prachtige zonsopkomst dient zich aan en dat moet op de foto. Ook Runa blijkt al wakker te zijn. Aangetrokken en al kijken we hierna en laten de zonnestralen op ons schijnen. Het voelt ook nog warm aan. Het schijnt ook hier in Zweden niet echt nacht te worden. De lucht is staal blauw en wie weet misschien de eerste aangename dag vandaag. Als we weer de hytte induiken, die lekker warm is, kruip ik weer in bed. Maar van slapen komt niks meer. Och wat maakt het ook uit, gisteravond lagen we er al om kwart over acht in. Het regende piepesjtele toen we na het eten terugliepen naar ôs hytte. Onder het eten was er een wijnproeverij voor leden van een motorclub die hier een kleine meeting morgen hebben. Een man zette overal 4 wijnglazen neer en een bordje met paprika, komkommer, sla en alles zeer miniem. Mijn glutenvrije pasta was heerlijk. Dank je Petra, dat je voor hebt willen koken. Ook de lasagne van Runa smaakte haar goed. Voor dat de heren binnenkomen schenkt de man alle 4 de glazen vast vol, met 2x rood en 2x wit. Wienpreuverie!! Dan komt het gezelschap binnen. Ze zijn met ongeveer 30 personen, mannen en vrouwen. De wijn komt uit kartonnen dozen. Wienpreuverie!! Alles gaat in het Zweeds, verstaan doen we er niks van. Als dan het eerste glas ter hand wordt genomen, gaat dit bij verschillende mannen in drie slokken naar binnen. Zo gebeurt het ook met de resterende glazen wijn. Wienpreuverie!! Kwart voor acht zijn we al op pad naar Pilgrimstad. Een toepasselijke naam voor pelgrims op het Olavspad. In Gällö willen we inkopen doen maar helaas de supermarkt gaat pas om 9 uur open. En het is te koud om hier 3 kwartier te staan wachten. 5 Graden en niet meer is het. Snel gaan we verder om even verder te stoppen voor regenhoes en regenpak. We worden overvallen door een ijskoude bui, met van alles er in. Regen, sneeuw en hagel met daarbij nog een striemende wind. Blij zijn we als we het bos in gaan. Hier is tenminste beschutting. Kort maar krachtig die bui. Maar de koude wind blijft. Een echtpaar dat we tegenkomen, maakt ons er attent op om niet de variant te lopen. Dat waren we ook echt niet van plan, om meer kilometers te maken. Maar bedankt voor de tip. Tegen tien uur komen we aan bij de kerk van Revsund. Een mooie kerk uit 1870 met binnenin nog objecten uit de 12e eeuwse kerk die op dezelfde plek stond. Helaas is alles gesloten. Maar we hebben geluk dat een man, die met een collega aan het werk is, een sleutel heeft. Hij vraagt of we de kerk willen zien. Ja graag, al is het ook maar om uit die koude wind te zijn. Binnen is het aangenaam warm. Volges mich dreijt hiej de verwerming op volle toere. We krijgen wat informatie en dan gaat hij weer. Als we gaan moeten we het even zeggen. Een mooie grote maar sobere kerk van binnen. Hier nemen we dik drie kwartier pauze. Ut is toch zoeëwe lekker werm hiej. Bijna elf uur en we gaan rap verder. Ongerwaeg krijgen we een geweldig mooi stuk onder de voeten. Bijna 6 km lang over een geitenpaadje dat tegen een berghelling ligt met links van ons het Grimnäsfjärden meer. Pad gaat door dichte bossen met dikke stenen die begroeid zijn met mos. Werkelijk een fantastisch mooi pad, waar je goed moet kijken waar je je voeten neerzet. Dét zal miene inkel sjoeën vinje. Ben benieuwd vanavond hoe hij aanvoelt. Als we dit stuk achter ons hebben ben ik Runa kwijt. Ik lig wat te klooien met mijn telefoon en mis zo een afslag. Ik heb meer aandacht voor berichtjes over eventuele reserveringen dan voor de markeringen. Runa is in geen velden of wegen te bespeuren. Ik loop een stuk terug maar zie haar nergens. Dan zet ik de handen aan de mond en roep 2 keer: Runaaaa, Runaaaaaaa. Dan hoor ik haar ergens. Ik loop nog een stuk terug en kom uit bij de markering naar een bruggetje die ik gemist heb. Hier sla ik in en zie Runa verderop staan.

Zij was in de veronderstelling dat ik nog steeds achter haar liep. Samen lopen we dan de laatste 4 km in een strak tempo door naar onze slaapplek in het Vandrarhem in Pilgrimstad. Net op tijd zijn we binnen, als het weer begint te regenen. Hier is niemand thuis, maar ik heb de code van de deur gekregen. We installeren ons, warm is hier wat anders en ik heb alleen maar een pak glutenvrije spaghetti en wat brood. Dét wuürd ein lekkere pastasjotel vanaovund! We zullen wel kijken wat we eten. Want buiten de deur gaan eten, forget it. Hier is niks, noppes te krijgen. Naar bed, naar bed zei duimelot en dat doen we dan maar ook. Sjlaop ze.

 

Donderdag 30 mei

Bräcke Jämtkrogen - Gällö Camp Viking 24 km

Tegen de regels, maar allee hè 

Vannach höb ich mich get biejein gedruimt, wiej kumsse aan dae wazel. Droom ik dat ik in Lapland aan het lopen ben. Maanden geleden heb ik een stuk gelezen over de "Kungsleden". Jullie zullen je wel afvragen wat is de "Kungsleden". Dit is een oude "koningsweg" die begint in Lapland in Noord Zweden en gaat in etappes naar Hemavan in het zuiden. Hier loop je van hut naar hut en daar droomde ik over. Vooral droomde ik van de kuddes elanden die hier rond lopen. Overdag had ik er veel gezien in deze eindeloze vlaktes met nog veel sneeuw. In een van die hutten waar ik sliep word ik ‘s nachts wakker, staat er zo'n grote eland binnen. Opeens zit ik in ons hotel recht op in bed. Kijk wat verdwaasd rond en denk dat mijn bloedsuiker te laag is. Ik meet even, maar gelukkig is alles oké. Dan besef ik pas: de meeste dromen zijn bedrog.

Vanmorgen schuiven we aan bij het ontbijtbuffet. Veel keus is er en wat heel belangrijk is de koffie. Heerlijk is deze vers opgezette koffie. Als ik na die droom nog niet wakker ben, dan ben ik het nu wel. Als we "vol" zitten gaat de rugzak op de poekel en zijn we weer op pad. Onze slaapplek is op Camp Viking. Een camping ook weer beheerd door Belgen, die gelegen is aan het Grimnäsfjärden meer. Zeker het eerste gedeelte tot Mordviken is prachtig. Hier pauzeren we in een bushokje gelegen aan een harde gravelweg. Soms vraag ik mij af, wat doen bussen op deze wegen. Maar ze rijden hier door bijna ieder dorpje of gehucht. Wat ook opvalt is dat de postbezorgers in hun auto het stuur aan de rechterkant hebben zitten. Hierdoor kunnen ze door het raam overal de post in de bussen doen zonder uit te stappen. Dan te bedenken dat er langs de soms lange gravelwegen heel wat bussen staan. Vaak wel tien, vijftien langs mekaar. Noem het maar een centraal punt. Huizen liggen verspreid er om heen. Als we hier willen opstappen komt een ouder echtpaar aangelopen. Hiel biezonger, want doe zuus hiej gén kiep. Het vrouwtje probeert ons duidelijk te maken dat er vandaag geen bus komt. Ze spreken alleen maar Zweeds. Maar Runa is van alle markten thuis, dus ook met de taal. Ze maakt haar duidelijk dat we niet op de bus zitten te wachten, maar dat we te voet zijn op het Olavspad naar Trondheim. Verbazing alom en ze kijken elkaar vragend aan, zo van: kneute, sjeute kröge, die kenne ôs nog mier vertelle. De rugzak gaat weer op de poekel en verder gaan we met een "en trevlig resa" van de oudjes, wat zoveel betekent als: een mooie trip. De weg verandert in asfalt. Toch steeds weer langs het water. Prachtige vergezichten krijgen we over het Revsundssjön meer. De route voert ons naar een bijna 80 meter lange houten brug over de rivier de Gimån, die als we naderbij komen niet erg stabiel is. Hij blijkt dan ook voor de overstekende pelgrims gesloten. We worden omgeleid naar de grote weg om via de brug daar de oversteek te maken. In Grimnäs zijn enkele mooie oudere gebouwen te bewonderen. Als we dit dorp verlaten komen we uit aan de E 14, de snelweg naar Noorwegen. Hier staat een oproep aan de pelgrims om niet meer de oude route te nemen. Er is een nieuwe variant uitgezet en gemarkeerd. Als ik "Mary" raadpleeg en de route die wij lopen uitzoem, is het duidelijk waarom deze variant. De oude route gaat de laatste 1,5 km langs de E14. Dit is een 2-baans weg met aan weerskanten een fietspad van 1,5 meter breed en met maar heel weinig verkeer op. Mér fietsers zuus ze hiej maar hiel weinig. We overleggen wat te doen. Tegen de regels in volgen we de "oude" weg. Als we dan later op deze snelweg uitkomen lopen we links hiervan naar Camp Viking dat langs deze weg ligt. Gelukkig hebben we het goed ingeschat en is er maar bar weinig verkeer op deze weg. Bij aankomst op de camping worden we hartelijk ontvangen door Petra, de Belgische beheerster. Intussen regent het buiten. We krijgen de sleutel van de hytte en 2 munten voor wasmachine en droger. Douchen, was in de wasmachine en de bistrobar in. Sjlaopze.

 

 

Woensdag 29 mei

Borgsjö Träporten - Kungsstugan - Bräcke 46 km. (24 km taxi)

De mooiste route

Hoor de wind waait door de bomen. Kent geur ut nach! Als ikvanmorgen door het gordijntje kijk van de hytte, zie ik grauwe lucht, regen en het waait behoorlijk. Mér goot det ich unne windjbuul bön.  Dat belooft wat voor vandaag. Om 8 uur zijn we weg, op pad voor een lange dag door de bossen. Ondanks mijn pijnlijke enkel (good ingetapet) en het loslaten van mijn sensor voor de bloedsuiker te meten (ken gén zjweit verdrage) gaan we er voor. Jammer dat de sensor er af is. Was wel zo gemakkelijk om onder het lopen je bloedsuiker te meten, door met de meter langs je jas te strijken. Net 6 dagen gehouden, wel erg kort voor zo'n duur ding. Ik heb er nog een, maar deze bewaar ik maar voor de laatste veertien dagen. Want zolang gaat de sensor mee. Direct bij het begin van de route voor vandaag ligt de mooie kerk van Bräcke, met er naast een bijzondere houten toren. We brengen een kort bezoekje en dan de bossen in. Het zal een dag worden om te genieten. Ondanks de kou, de wind en de regen lopen we stug door, met ongerwaeg de nodige pauzes. Het eindpunt voor vandaag is de hut Kunsstugan. Een hut zonder ook maar enige voorzieningen. Dus geen water, toilet, douche, elektriciteit noem maar op. Gisteravond hebben we samen overlegd wat te doen. Een ding stond al snel vast, hier gaan we niet de nacht in. En zeker neet mit deze özzel. Op het toeristenburo op de camping regelt de dame een taxi voor ons. Wij lopen tot deze hut en gaan dan proberen om de grote weg te bereiken, waar de taxi ons om 4 uur komt ophalen. Hij zal ons naar Bräcke brengen 24 km verderop. Het is niet anders maar dat leek ons de beste oplossing. Twieëje oudjes laote verozele, dét is teväöl van ut goeie. Ongerwaeg genieten wij van een prachtig pad. Dan weer door dichte bossen met dikke bemoste stenen en smalle paadjes. Dan gaat het weer over brede paden, wat zich dan iets vlotter loopt. Soms een venijnige klim er in, maar och wat is het mooi. Om half drie komen we aan bij de hut Kungsstugan. Nee hier willen we zeker niet blijven. We stempelen onze credential en rusten er zo'n drie kwartier uit. Om kwart over drie zoeken we een weg naar boven naar de E14 waar de taxi ons oppikt. Het is even klauteren maar we staan er. Gelukkig is de taxi mooi op tijd en voor een zeer schappelijke prijs zet hij ons af bij hotel Jämtkrogen in Bräcke. Dit hadden we gisteren al gereserveerd, omdat er hier in dit dorp weinig keus is. Blij zijn we als we op de kamer zijn. Maar ook beseffen we goed dat er tussen Borgsjö en Bräcke bar weinig is. Terecht zegt Runa: we made a good choice. Om het verhaal af te sluiten, nog een gedichtje.  Sjlaop ze.

Eine paad

Is der eine paad,

kees dae den

Is der eine paad,

dae ze euveral taege kums

Is der eine paad,

dae geit door berge en dale

Is der eine paad,

waor ze kens verdwale

Is er eine paad,

om van te lieëre

Jao, dae paad is der,

diene eige laevensweg

 

 

Ongerwaeg
Ongerwaeg

Dinsdag 28 mei

 

Fränsta Vila Stenhuset - Borgsjö Träporten  19 km

 

Pijnlijke enkel

 

As eine prins waer ich wakker, allein net neet in ein hemelbed. Tien uur geslapen, heerlijk. Alleen mijn enkel begint me te nègere.  Gisteren al wat last van gehad maar vanmorgen voelt het niet lekker. Zeker bij bepaalde draaiingen van de voet. Maar we zullen zien. Na ons ontbijt lopen we nog even naar de coop. Ik heb brood nodig en yoghurt en Runa bananen en yoghurt. Raar dat in dit kleine plaatsje 2 supermarkten zijn. Als we terug zijn bedanken we de vrouw des huizes voor deze prachtige plek en dan zijn we weg. We komen direct al voorbij de prachtige kerk gelegen aan het meer. Maar natuurlijk dicht. Wel kunnen we bij een huis onze pelgrimspas laten afstempelen. Verder gaan we over mooie paden door bossen en langs heel veel water. We volgen lange tijd een bijzonder pad langs de rivier de Ljungan. Een historisch pad dat de naam draagt: Kärleksstigen, of te wel liefdes pad. Fijn is het om hier te lopen. Toch voel ik steeds mijn enkel bij een bepaalde draaiing. We hopen maar het beste. Via Ljungaverk en Johannisberg naderen we Östby. Na een eerdere pauze houden we hier ook een stop. Misschien wel goed voor mijn enkel. Dan volgen nog 4 kilometer asfalt naar de camping. Tegen half drie zijn we er. Een Belgisch stel beheert het allemaal hier. We krijgen de sleutel van onze hytte en zijn blij dat er een restaurant bij is waar we tot zes uur vanavond kunnen eten. Eraan vast ligt een toeristenbureau. Als we ons gedoucht hebben gaan we hier eerst heen. We hebben nog veel te regelen voor morgen. De dame hier helpt ons voortreffelijk. Morgen willen we zeker niet overnachten in Kungsstugan. Omdat hier niks is dan alleen maar een slaapplek. Je kunt er niet koken, niet eten, geen water, geen elektriciteit. They have nothing, zegt Runa. We krijgen het zo geregeld dat we hier naar toe lopen en ons daar aan de grote weg laten ophalen door een taxi. Om 4 uur is de afspraak. Hij zal ons dan naar Bräcke brengen. Hier zullen we dan opzoek moeten naar een slaapplek. Zo dit is het een beetje. We zitten nu in het restaurant aan os pilske en dadelijk gaan we, en det verzeker ich uch, lekker eten Veur strakkes, sjlaop ze.

 

 

Villa Stenhuset
Villa Stenhuset

Maandag 27 mei

Stöde camping - Fränsta villa stenhuset 27 km.

Een schitterend onderkomen

Een koude nacht in onze hytte op de camping. Mijn isoshirt heeft me warm gehouden. Desondanks heel goed geslapen. Als we ontbeten hebben en de zaak schoon is kunnen we gaan. Ja, er wordt van je verwacht om alles weer schoon achter te laten. Niks mis mee en voor ons geen enkel probleem. Kwart over acht stoppen we de sleutel van de hytte in de aanwezige bus bij de receptie en weg zijn we. Op weg gegaan voor een lange tocht. Ook vandaag krijgen we weer redelijk veel asfalt onder onze voeten. Niet echt prettig lopen is dat. Maar gelukkig ook mooie paden door de bossen. Weer veel langs het water, wat luistert naar de naam Ljungan. Aangekomen in Viskam worden we verrast door het 70 meter lange houten huis genaamd Långhus. Een oud huis waar vroeger een hotel, postkantoor, bank en winkels in waren gevestigd. Deze zijn allang verdwenen. Tegenwoordig zitten er wat jongerenappartementen in en wordt dit huis gebruikt als filmlocatie. De(blijkbaar) bekende film Miraklet I Viskam uit 2015 speelt zich in zijn geheel hier af. Over een mooi pad gaan we verder om bij de jeugdherberg Boda Borg te pauzeren voor onze lunch. We worden getrakteerd op een gratis beker koffie. De eerste sinds dagen. Alle dank naar de zoon des huizes die dit voor ons heeft geregeld. Ook komt hij nog met een stempel aan. Na een lange pauze gaan we verder. Jassen uit want de zon laat zich van de mooie kant zien. Over lange stukken asfalt lopen we naar Torpshammar waar we vlug doorheen zijn. Ongerwaeg stoppen we regelmatig. Het wordt zwaar, zeker met de dertien kilo op mijn rug. Er zit nog veel etenswaar in dat we gisteren in Stöde hebben gekocht. Jao ongerwaeg mósse good eate angers kumpse neet wiet. En ik heb het nodig. Bananen en yogurt met muesli gaan er vlot in. Ons einddoel nadert voor vandaag. Laat ons nou de laatste kilometer nog op wat regen getrakteerd worden. Vlug schieten we de ICA supermarkt binnen voor ons avondeten. Dan rap naar Villa Stenhuset. Even zoeken waar het ligt maar met de hulp van een vrouw vinden we het snel. Ik bel aan en een dame op leeftijd maakt open. “Welcome Runa and Ger” zegt ze en geeft ons een stevige hand. Wat een groot huis. Ze neemt ons mee naar boven en als ze de deur van onze kamer open doet, valt onze mond open van verbazing. Wat een prachtige, schone, grote, mooie kamer met een opgemaakt bed. Maar dat is nog niet alles. Ze laat ons de keuken zien, de badkamer en de grote zitkamer. En als dat nog niet genoeg is, kunnen we ook nog gebruik maken van wasmachine en droger tegen een kleine vergoeding. Prachtig hoe we hier verwend worden. Dit moet je zien wil je het geloven. En de prijs! Voor ons een schijntje. Intussen is onze was schoon en droog, hebben we lekker gegeten, is ons dagelijks pilske al naar binnen. Waat mier ken men zich winse. Ondanks dat het veel kilometers waren is alles goed verlopen. Alleen moeten we de komende dagen niet meer zoveel aan etenswaar meesjouwen. Maar ja soms heb je geen keus. Nog efkes, ut zandjmenke begint al te sjtruije. Sjlaop ze.

 

 

Slaapplek in Solgården
Slaapplek in Solgården

Zondag 26 mei

 

Solgården Matfors - Stöde camping 21 km

 

Pad langs het Stödesjön meer

 

Tien oer gesjlaope vannach, dét duit den aaije good. Goede bedden met een lekker warm dekbed. Ja echt aangenaam is het weer nog niet. De nachten zijn koud. Zeker als je, zoals ik, alleen maar een lakenzak bij je hebt. Maar hopelijk heb ik dat goed heb ingeschat, en zijn er op de meeste slaapplekken wel dekens cq dekbedden. Zo was het in 2017 in Noorwegen ook. Want een slaapzak is toch weer extra gewicht. Runa heeft ook goed geslapen. Na het ontbijt ruimen we alles op, trekken de bedden recht en checken onze rugzak. Dan gaan we afrekenen. De heer des huizes maakt open en Majbritt komt net uit de badkamer gelopen met alleen een handdoek om, die wel alles netjes bedekt. We bedanken hun voor het mooie huisje wat voor een nacht van ons  was, betalen en zijn weg. Kwart over acht is het en we gaan op pad naar Stöde waar we een hytte (hut) hebben geboekt op de camping aldaar. Het zal een saaie tocht worden die geheel langs het Stödesjön-meer loopt. Ongerwaeg komen we langs het vakantiepark Rävelsbodvallen en nemen op een bankje een korte pauze. Als ik met de bloedsuikermeter langs de censor op mijn arm ga, zie ik dat ik aan de lage kant zit. Een energiereep uit mijn broekzak moet verder onheil voorkomen. We gaan verder en de lange glooiende wegen zijn nou niet echt uitnodigend. Maar we hebben goed de pas er in. Ongerwaeg halen we herinneringen op over het Olavspad in Noorwegen in 2017. Er wordt heel wat afgelachen. Zeker over dat voorval bij de spoorlijn, waar we behoorlijk gevaarlijk bezig waren. Runa zaet nog; how did we do that, Ger. I don't know Runa. We just did it. Ook komt Hanna nog ter sprake. She was not so nice woman. Als we dan Loböle naderen zien we al in de verte het bankje staan, zoals het ook vermeld staat in mijn gids. Ook moet er een stempel aanwezig zijn. Bij aankomst is dat ook zo en omdat het inmiddels bijna half twaalf is pauzeren we hier voor onze lunch. Drie sneetjes brood met kaas heb ik vanmorgen ingepakt. Dét ware de letste sjneetjes van miene eige gebakke glutevrieje mik van thoes. Intussen wordt de lucht alsmaar dreigender. Tot nu toe hebben we vanmorgen geluk gehad met het weer. Maar eenmaal weer op pad moet de regenhoes er over en komt de paraplu te voorschijn. Ich haat raegen. Wuurse zoë naat van! Rond half twee lopen we Stöde binnen. Een vrouw met, ik denk, haar zoon spreekt ons aan. Ik kan er niks van maken. Maar Runa heeft al snel door dat ze uit Finland komen. Ze hoort het aan hun specifieke taal. De zoon spreekt goed Engels en vertaalt waar nodig. Zij heeft vorig jaar de camino Francés gelopen en is er nog steeds van onder de indruk. Als wij vertellen dat we dat ook hebben gedaan en nu naar Trondheim lopen is ze hiervan onder de indruk. We praten nog wat en dan rap naar de camping toe. We krijgen een grotere hytte dan die ik geboekt had. Want, zo zegt de vrouw van de receptie: you are older people and so you can sleep both under in the bunkbed. En dat ook nog voor dezelfde price. Tja, aajerdom kump met gebreke, zegke ze waal ens, maar ut haet aug zien veurdeile. Een kleine maar mooie hut met 2 stapelbedden. We gaan nog naar de supermarkt voor ons eten vanavond. Een magnetronportie voor beiden met wat tomaten en een biertje. Dan nog eten en drinken voor ongerwaeg morgen en zo gaan we met ieder een grote zak vol weer terug naar de camping. Ik ga dan eerst douchen en moet hier de deur voor uit, want deze zijn beneden aan het water. Als we beiden schoon zijn, drinken we samen een pilske. Hierna onze magnetronmaaltijd en wat yoghurt en de blog nog afmaken en dan vallen mij de ogen al dicht. Vanavond lig ik er vroeg in. Sjlaop ze.

 

Start bij het Pilgercentrum in Selånger
Start bij het Pilgercentrum in Selånger

Zaterdag 25 mei

Selånger - Matfors Solvangen  26 km

 

De eerste stappen

 

Als eine ós höb ich gesjlaope, van negen gisteravond tot half acht vanmorgen. We nemen de tijd, omdat we een bezoek willen brengen aan het Pilgercenter en de mooie kerk hier in Selånger. Helaas is het pas open om 11.00 uur. Tegen tienen zetten we onze eerste stappen op het Olavspad richting kerk en Pilgercenter. In de kerk wordt gerepeteerd voor ik denk een soort vormsel. Zo'n 30 opgeschoten pubers hebben meer oog voor ons dan voor de dominee en diaken. Wel drie keer moeten ze het de kerk in lopen, oefenen voordat het tot tevredenheid is. Bij de 2e gang naar buiten vraagt een van de jongens waar we vandaan komen. Ijsland en Nederland, zegt Runa tegen hem en we gaan naar Trondheim. Bij sommigen valt de mond helemaal open. Als ze dan weer terug komen in de kerk krijgen we van hun een opgestoken duim. Leuk, die aandacht. We volgen onze weg verder op zoek naar het Pilgrimscenter. We zien alleen maar veel markeringen, maar een pilgrimscentrum: ho maar. Als ik aan een man vraag waar we ergens moeten zijn wordt het direct duidelijk. We zijn al te ver. Het ligt aan de andere kant van de weg t.o. de kerk. Dan gaan we maar terug. Tensjlotte jeug os nemes! Gelukkig is het al open. Een jonge meid is druk bezig met koffie zetten. We drinken koffie met, jawel hoor, glutenvrije cake erbij. Als we na het afstempelen van onze credential willen opstappen, zegt de jonge dame: wait for 5 minutes, my boss is coming. Als ze binnenkomt krijgen we een warm welkom. Zij is diaken en de grote animator achter dit geweldig mooi Pilgrimscenter. Als we dan echt opstappen, maakt ze nog eerst een foto van ons voor hun facebookpagina. En dan zijn we echt weg. Ongerwaeg bedenk ik dat die foto er wel gauw op zal staan. Even later hoor ik mijn telefoon brommen, ten teken dat er een facebookbericht is. Ik kijk even en ja hoor we staan erop. SjoeëOnze weg vandaag gaat de hele dag over glooiende paden en wegen. Een enkele keer gaat het pittig omhoog. Tegen half twee komen we aan in Gisselåsen. Hier verwelkomen Tom en Sigrid alle pelgrims die langs hun huis komen. Hij staat ons al op  te wachten en heeft de koffie al klaar. Zelfs glutenvrije crackers heeft hij in huis. Wat een aardige mensen. Hij houdt er als hobby op na om van alle pelgrims een foto te maken, die hij in de winterperiode laat afdrukken en in een fotoboek zet. Tevens noteert hij land van afkomst, man of vrouw, lopend, fietsend of te paard, met of zonder tent, waar naartoe en noem maar op. Als aandenken krijgen we van hem een mooie pen annex zo'n ding voor op een tablet te tikken. Nadat hij een foto van ons heeft genomen,  bedanken wij Tom en Sigrid voor alles en gaan verder. Trouwens, van enige donatie willen ze niks weten. Al lopend door de bossen gaat het richting Matfors. Het zijn 8 km en dan nog eens 7 km naar Solgården, onze overnachtingsplek. In Matfors doen we nog wat inkopen in een grote supermarkt. Ik koop o.a. glutenvrij brood en bier!! Als we de winkel uitkomen en buiten onze spullen in de rugzak aan 't proppen zijn, begint het te regenen. De regenhoezen gaan over onze rugzakken en de paraplu's komen er uit. Gelukkig stelt het niet veel voor. We raken vermoeid. Zo’n eerste dag is toch altijd weer wennen.  De 7 km naar onze slaapplek trekken zich erg lang. Blij zijn we dan ook om tegen zessen onze rugzakken van de poekel te kunnen halen. Hartelijk worden we welkom geheten door Maybritt en ze neemt ons mee naar ons eigen huisje. Lekker warm is het binnen en het ziet er gezellig en netjes uit. En dan komen de vaste dagelijkse rituelen weer. Iers oetruste met een pilske. Den onger de doesj. Wat nuedig is aan kleijer wasse. En den kaoke, eate en aafwasse. En as der den nog puf euver is, ut versjlaag sjrieve. Nou dat is allemaal gedaan en het zal niet lang meer duren voor we beiden onder de wol gaan. Oh ja, jammer dat we al twee dagen geen Wi-Fi hebben op onze slaapplaatsen. Maar het is niet anders. Sjlaop ze.

 

Vrijdag 24 mei

 

Op naar Zweden

Doe mos der get veur euver höbbe. Vanmorgen kraait de haan wel erg vroeg:kwart over vier. Thea, dae erme sjat, gaat alvast koffie zette. Ik ga me opfrissen en aankleden en dan aan de koffie. Samen zien we er niet erg uitgeslapen uit. Maar allee. Na het ontbijtje een laatste check op mijn rugzak die al ingepakt klaar staat. Uit de koelkast pak ik mijn insuline en doe deze in mijn handbagage. Zo ook mijn camera en iPad en de nodige opladers voor de pomp, sensor, telefoon en zo kan ik nog wel even door gaan. Maar het moet mee. Klokslag vijf uur vertrekken we naar Eindhoven airport. Het is rustig op de weg dus dit schiet lekker op. Precies om zes uur zijn we er. Met een paar dikke kussen neem ik afscheid van miene sjat. Gelukkig kan ik direct al mijn rugzak inchecken en dat is fijn. Bij de dame aan de detectiepoort geef ik aan dat ik een insulinepomp draag met een sensor. Mijn handbagage hoef ik niet uit te pakken en de veiligheidsbeambte zet de scanner uit zodat ik door kan. Hij vraagt wat ik allemaal in mijn zakken heb zitten. Nou, alles wat niet door de scanner mag. Geen probleem, ik mag snel door. Dat is nog eens klantvriendelijk. Dan is het wachten geblazen. De vlucht is om acht uur en is pünktlich. In de rij van drie waar ik zit komt niemand meer zitten, dus plaats genoeg. De vlucht gaat bijna geruisloos voorbij en om kwart voor tien sta ik op het vliegveld Stockholm-Arlanda. De bagage komt snel en mijn rugzak heb ik zo te pakken. Op een rustig plekje stop ik alles vanuit mijn handbagage in de rugzak. Zo hoef ik maar op een ding te letten. Ik drink een cappuccino en eet een glutenvrij gebak. Hiej weite ze de prieze auch waal: 100 Sek. Is dit een voorteken!? Dan ben ik over twee weken alweer thuis. De centjes die ich höb metgekrege zien den al op! Bij de infobalie informeer ik hoe laat de vlucht met Runa aankomt en waar. Ook vraag ik de weg naar het treinstation. Runa komt aan op terminal 5 en daar is ook de ingang naar het treinstation Arlanda centraal. Maar het is een heel eind lopen. Je bent hier op terminal 2. Och we hebben de tijd. Maar het is toch een dik kwartier lopen. (maar wat is een kwartier op al die kilometers die nog gaan komen) Runa’s vlucht komt om een uur aan. Tegen half twee zie ik haar aan komen lopen. Ze kijkt wat in de rondte maar ziet me niet. Ik loop naar haar toe en zeg achter haar rug: hello Runa. Wat volgt is een stevige omhelzing. I'm so glad to see you Ger. Ja dat ben ik ook. We gaan een bakje koffie drinken en hebben heel wat bij te kletsen. Fijn is dat. Tegen kwart over twee gaan we naar het ondergrondse, in rotsen uitgehakt, treinstation toe. De trein is een paar minuten te laat maar wat maakt het uit. Onze gereserveerde plaatsen zijn zo gevonden. Lekker zittende stoelen maken de rit van drie uur en een kwartier aangenaam. De ogen vallen al snel dicht. We zitten niet ver van de barwagen af en dat is te merken ook. Er wordt stevig gedronken. Zowel in de bar als ook elders in de trein. Hoeveel er niet langs komen met drank in hun handen! Sundsvall is het eindpunt van deze trein en als we uitstappen zie ik slingerende mannen. Gaon die auch nog met de auto nao hoes! Als we het station uitlopen zien we al de eerste markering van de Olavsweg, met daaronder een bordje naar het busstation. We zouden hier eerst wat willen eten, maar de eettenten zitten vol. Bij het busstation ligt een supermarkt. We kopen elk een kant- en- klaar pakket dat alleen maar in de magnetron hoeft, want die zal er toch wel zijn. Bij het busstation vragen we welke bus we moeten hebben. Lopen naar Selanger doen we niet meer. Inmiddels is het al kwart voor zeven. De bus laat ons dichtbij onze slaapplek eruit. Met de hulp van een vrouw vinden we de herberg 'Lille appelgarden' snel. Hier is niemand, maar de sleutel vinden we op de afgesproken plaats. Een grote tegenvaller is dat er toch een magnetron aanwezig is. Dan wordt het dus brood met kaas en bewaren we onze maaltijd voor morgen. Mot auch waal weer in de rugkzak.(extra gewicht) Tegen negen uur maak ik mijn bed op en kruip snel onder het donzen dekbed. Sjlaop ze.